E voto Dordraceno - pagina 21
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
XXXVIII. HOOFDSTUK
ZOND.
zinken
de
in
En
wereld.
bet
tegen dit gevaar en tegen die zondige,
is
ongeloovige neiging dat nu het gebod Gods zich
Ge
niet in het aardsche leven verzinken.
beademen
leven
voor
uw
weer
de
leven
daarom
Gods eigen leven
laten.
zijn.
En daarom
23
III.
zult en zal
stelt.
Ge
moogt
zult en
moet u door dat hoogere
en moet regel en ordinantie
den rustdag vieren, opdat telkens
zult ge
macht van het wereldsche, aardsche leven gebroken worde den rustdag de kerk van Christus
zult ge op
gen, opdat gedurig weer dat hoogere, geestelijke leven,
tot
;
en
openbaring bren-
met een eigen
gestalte,
en met een eigen levensvorm, in dat gemeene leven der wereld inschuive.
Uit twee stukken bestaat dat houden van het vierde Gebod alle de dagen onzes levens; stukken die onze Catechismus eerst negatief en dan positief merkt. Het negatieve positieve
is
saamvoeging
van
Dat ge vieren
:
God
Dat ge
is:
deze
in
u
zult
beide, dat het
van uwe booze werken. Het werken.
laten
zult
hemelsche leven,
En d.
het i.
is
uit
de
de eeuwige
Sabbath, reeds hier op aarde geboren wordt.
Ook
gebod
dit
om
nistisch, of,
is
dus in
zijn
kern echt-Gereformeerd, en beslist Calvi-
het juister uit te drukken, ook uit dit vierde Gebod blijkt weer
de echtheid en zuiverheid van onze Calvinistische belijdenis, die de practijk
van de Christelijke
religie juist zoekt in
het afsterven van den ouden en de
opstanding van den nieuwen mensch. Immers dat vieren van onze booze
werken
niets anders
is
dan de afster ving van den ouden mensch, en dat laten
werken van God in ons
niets anders
feitelijk
is
nieuwen mensch. Eenerzijds een levensuiting
dan het opstaan van den
moet worden
die tot zwijgen
gebracht, eu anderzijds een levensuiting die in ons moet opgewekt. te
wekken levensuiting van
uitsluitend
opdat
stellen,
Vieren
is
nooit vrucht van
wat
wij
En
die op
doen of pogen, maar
de gewilligheid waarmee wij onzen geest tot instrument
God de
Heilige Geest zijn werk in ons doe en uitrichte.
van onze booze werken
teekent
u het kind van God
telkens
en
telkens
er
toe
als
is
een uitdrukking van bevrijding. Het
van nature slaaf der zonde, en daarom
om
gebracht,
tegen zijn zin en
wil, allerlei
onheilig werk in den dienst van Satan en wereld te doen. Maar, naar gelang
nu het hoogere leven macht over hem baarheid
uit
;
die
krijgt,
raakt
hij
booze heerschappij wordt gebroken
;
onder die dienst-
en ten leste kan
zoo zalig rusten van zijn vroegere zonde, dat er zelfs de aandrang toe
hij
wegviel, of althans de drijver ophield.
voor het „laten werken van
God"
En
daardoor juist komt dan ruimte
in zijn hart.
Twee dingen kan ook een kind van God niet
tegelijk
onder
het
juk
van
de
zonde
niet tegelijk doen. Hij
kan
doorgaan
den
en
tegelijk
Heiligen Geest in zich doen werken. Zal dus die goddelijke werking in zijn
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's