Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 318

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 318

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.

1 minuut leestijd

ZOND. XII. HOOFDSTUK

312

Dat nu Melchizedek Salem,

d.

vreemd

van

wie

van

poorte

naam

zijn

het

Gods

dat

gelooft,

vader

zijn

maar

opkwam,

achtergrond

voor

baar

daarbij goddelijke naam-symboliek,

is

wie acht dat Melchizedek daar zóó ongeroepen als uit een

voor

duisteren

koning der gerechtigheid heette en koning van

juist

koning des vredes was,

i.

"VI.

er

en

toen

ontving

latere

verstaan-

was, toen Melchizedek

in

Abraham

juist

de

voor

moest

koning-priester

dezen

Jeruzalem

en

natuurlijk

geheel

bestel

ont-

moeten.

Wat van

geldt dus ook voor zijn verlosten

is,

ook

:

koningen en priesters Gode en den Vader, niet naar de ordening

zijn

zij

den Christus gezegd

tot

maar naar de ordening van Melchizedek; edoch

Aaron,

alzoo door

den Middelaar gemaakt.

ZESDE HOOFDSTUK. De wet

stelt

hoogepriesters

tot

menschen, die

zwakheid hebben; maar het woord der eedzwering die na de wet is gevolgd, stelt den Zoon, die in der eeuwigheid geheiligd

Hebr. 7

is.

:

28.

vorig hoofdstuk deed de heerlijkheid van Melchizedeks priesterschap

Een boven

Aaron

van

dat

priesterschap te oordeelen

Op den

voorgrond

van

toewijding

sta

dan

nu,

wat

Aarons

van

zij.

ook

daarbij

hier,

en

bestaan

geheele

ons

we

Zien

uitkomen.

dat alle priesterschap

zijn

is

de

persoon en gaven en

en

bezittingen aan den Heere Heere, die ons geschapen en geformeerd heeft

en

raad

hoofde

dien

uit

absolutelijk

van God over ons met in

over

ons heeft

welbehagens en der verkiezing

des

al

het priesterschap eerst

erkenning

dat

onzerzijds,

te

wat we het onze noemen,

komt het

tot

In den

beschikken.

absolute beschikking

grijpt die

feitelijk plaats,

maar

een volmondige en daadwerkelijke

die absolute beschikking

goed en recht

is

en

ons zijn en doen moet bepalen.

Zoo

niet

gegrond wierd

en

om

blijft

beantwoordt

alleen.

zonde

de

noch

onze natuur en eeuwig

in

en

priester

houde men toch strak

dus, en dit

is

terschap

zijn

is

is

aan

waarachtiglijk

eerst bij

na

de

eere

de

dus het pries-

zonde ontstaan, maar

ons hoorende.

Eerst wie priester

mensch, den heelde des Zoons

de bestemming, waartoe

Gode

vast, zoo is

God hem

geven, eere geven

schiep.

gelijk,

Immers

aan God den Heere

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 318

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's