E voto Dordraceno - pagina 484
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
486
XLIX. HOOFDSTUK
ZOND.
helaas, zoo dikwijls geschied
die, gelijk,
I.
om
is,
aandoenlijk en roerend te
hier spelen ging met de berusting in Gods verborgen wil, heeft Gods Woord aangerand, het Onze Vader ontheiligd, en hetgeen de Catechismus
zijn,
ter uitlegging zegt in het aangezicht weersproken.
Ook hiermee intusschen
om
nog
is
genoeg gezegd. Immers het
niet
gezet,
opgelegd,
niet eenvoudig lijdelijk te ondergaan,
te
Om
werken.
ook de
een
zulk
vader,
maar
ontroofde;
van
komen, zoo wil God de Heere
aan dien vader den
God
den dood geve. Ook
hart,
zijn
God
dat
in
toch
mag
hij
En
zoodra
hij
onder verkeeren.
kind van
zijn
vanzelf
hem
dan
zal het voor
roepen,
of
nu
hier
hij
die
in,
zoodat
werkend in Gods werk, ook
maar ook om
aan
niet kent, er
gekomen, wil werk-
zijn eigen
zoolang
zijn
ook niet
hij
God af
staan.
te
worden,
om
God aan
ziel
wille instorten, opdat hij,
zijn
kome, niet enkel Izaiiks-ofifer
God
om
te
mede-
te berusten,
met eigen
wil te
het kind doodt, en niet
op Moria de vader zelf hiertoe geroepen wordt, zoo geldt dan die
gelijk
bede
uitsluitend
eigen
ziel,
dus
hoe
wel
plaats
eerste
voor zijn ziehwerking,
om waar
het nu
houden,
zijn wil zijn
zijn wil
aan
zijn
de worsteling,
uw
om
uit
te voeren
En
nu
is
het,
wat ook
onderscheiden.
steling,
Gods
drinkbeker
Ook
besluitende
niet behoefde
tot
zelf
God
kind van
God
wilde terug-
over te geven. Zoo merkt ge
bij
zit.
In de
zwichten voor Gods besluitenden
maar ook ten wil,
zoodat
wil,
andere, de worsteling,
gij
uw
kind
Hem
alsnu
de worsteling van Jezus in Gethsé-
hier toch
wil niet
was van de ééne
zijde de wor-
kon veranderd worden, zoodat de
gedronken te worden; en anderzijds de worste-
met Gods gebiedenden
moest,
te
Gods gebiedenden
mané moet of
om
kind u gaat ontnemen,
dit
voor dien overgang in zijn
i.
met
zulk een harde zaak tweeërlei worsteling in
Hij
geeft.
d.
eerst
hij
met
in
dat
en
God
afgescheurd
ziel
brengen. Alleen maar, wijl in zulk een geval
ling
hem
der
zelf er toe
hem
zelf zijn
„Ik moet", maar nog niet kan,
:
en ten slotte het
te willen,
wordt het
zijn ziele,
kind
ziet
hem een behoefte hem kracht in zijn
dan
eisch, dat hij
al
niet,
zich zijn kind
tot het duidelijk inzicht is
zijn
hij
is,
wegstal en het
dan moet ook
afeischt,
daad komt, om
de
tot
hem
niet als de wereld, die
eenmaal
zaam worden, en staat het niet goed met Worstelt
mede
er zelven in
een kind des Heeren
hij
stelt Hij
kind aan zijn
lief
indien
ontnemen, alsof God het van
zal laten
lijdelijk
maar
weer op het straks gestelde voorbeeld van den vader,
altoos
die zijn kind verliezen moest, terug te
dat
Gods
is
harde zaken, die hun in hun leven worden
kinderen
wil,
of hij kracht
met eigen hand dien
mocht ontvangen,
om
als
het
bitteren beker aan de lippen te zetten,
de heffe toe te ledigen. Moeilijk in het oog te houden
is
dit ver-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's