Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 364

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 364

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

364

XXIV. HOOFDSTUK

ZOND.

elkander

God van den mensch

Eerst heeft

staan.

II.

te

maar

eischen;

als

de mensch aan dien eisch voldaan heeft, komt de beurt aan den mensch

om van

God

zijn

En

eischen.

te

en God heeft dezen mensch

heeft,

afgeloopen en

vordering

alle

is

Eene koude, stuitende

om

moet,

woorden

nu de mensch de wet volbracht

als

loon uitbetaald, dan

zijn

het contract

is

uit.

voorstelling

maar

;

u toch even getroosten

die ge

de kern der zaak door te dringen; want zoo ge

tot

maar aan de woorden hun

speelt,

met

tiiet

beteekenis laat, ligt dit

volle

stuitende metterdaad in deze opvatting van de zedelijke verantwoordelijk-

heid

Het

in.

Ge maakt

een uitwendig goed koopt.

gij

Want

Epicureër. is

te

verwerven.

eenmaal

braafheid en vrome

een staat van uitwendige heeiliikheii mee

er

om

deugd

er

genot

goed werk

of

door bij

En

werven.

te

een persoon

tot

is

dan

er

u in voorraad, dat ge er een

van geluk mee kunt koopen, dan vervalt ook

En

zijn?

?

alle prikkel

voor

Gelukkiger dan volkomen gelukkig kunt ge toch immers ge een oogenblik met Rome, dat deze overtollige

al stelt

goede werken (een voor u

armer

broederen

tijdlang

worden

onbruikbaar kapitaal) dan aan

zelf

goeden komen, dan hebt

ten

nog een plaatsing voor

u

helpt

heid,

uw

het goede te doen. Waartoe toch zoudt ge nog meer kapitaal aan

deugd opleggen niet

om

misbruikt

zooveel

overvloed

om

er u zelven door tot een verfijnd

ge braaf en vroom, maar

zijt

Zoo verlaagt deze geheele voorstelling u

deugd

de

die

wel

u slechts middel,

zin

u,

goed" wordt dan een wettig betaalmiddel, waarmee

„zedelijk

om uw deugd

meer om goed

te

ten

om

een

zijn

is,

allen zalig, die zalig

valt voor

zetten weg, en

te

is

u elke gelegen-

geen oorzaak

er

doen.

Denk nu intusschen standpunt

Eens toch

tijd.

nood dan vervuld

in geluk

geestelijk

ge, het is zoo, voor

deugdenkapitaal gevonden, maar toch

dit

een

voor

slechts

dit

zullen, en als aller

uw

einde

niet,

toe

dat

blijven

Roomsche

de

schrijvers dit stuitende

innemen. Integendeel ook in hun ge-

schriften vindt ge zeer schoone lofprijzingen van het goed als in zich zelf

beminlijk,

als

met God

hiernamaals houden ook

zelf zij

u

één zijnde; en in den volzaligen gelukstaat

zuiverheden.

Al

is

Dit

zijn,

ontneemt echter

om

niets

de mystiek door de achterdeur inlaten, uit

van

de goede werken,

leer

God

loon

verwerven,

een

punt,

te

waar

zij

om

zedeleer

Pelagiaansche

dit

zonde en

is.

Roomsche scribenten naderhand

hun

weg

alle

eeniglijk te leven in smettelooze

aan de klem van wat gezegd

het toch dat de beste en vroomste

eudaemonische

geluk voor, het van

als hoogste

onreinheid ontslagen en ontdaan

te

het machinale, uitwendige en

nemen, hiermee als

is

hun Semi-

verdienend middel

nog geenszins goedgepraat. Er

is

om

bij

toch nergens

Semi-Pelagianisme, na het eenmaal aanvaard

te

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 364

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's