E voto Dordraceno - pagina 371
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
::
!
XXIV. HOOFDSTUK
ZOND.
meer
dan
doet
overtreft,
wat
waren
Och,
is
371
III.
kan, en zijn „best" doet, en dus zich zalven schier
hij
op zulk een zeloot voor het goede dan aan
slechts
menschen
alle
te
merken?
wat hemel zou het op aarde
zoo,
wezen
En Zou
zou God dan anders oordeelen ? Zou Hij u onmogelijke eischen stellen? Hij,
God en Vader van
de
zegenend
menschen
met uw God
gaan hebben. In in
het
En immers
zedelijk
de
zelven
eeuwen
weg
den
voorwaarts
;
uw u
verheugt
denk
deedt;
uw
onrust uit
we
zijn
op den weg dien we
struikelen, in veel ook te kort
Maar wat schaadt
voldoen.
niet
is,
als zulk
dit?
toewenkt, gaat het altoos excelsius.
de eeuwigheden liggen voor u; eindeloos
en
het verschiet dat zich voor
van
daarom
maar
ideaal u
niet
hebt.
velerlei verleiding lokt
velerlei zult ge
meer u
nog
schieten,
Zoolang
nu
zijn
alle
En
lieflijk
En
!
eenmaal geen volmaakte wezens. Eer
van kracht, en
klein en teer
schoon en goed en
waarheid bezielde, ban dan
in
hart, en weet dat ge vrede
Wij
om wat
streven
Onmogelijk, roept de moderne vrome uit
maar
streven u
nobel
uw
op
neerzien
te verwerkelijken ?
te
barmhartigheid, dan geen oog voor
alle
goede bedoelingen hebben? Niet loven wat ge u voornaamt?
uw
u
zielsoog opent; ge
dus
dat
veeleer,
is
pas aan het begin
zijt
ge reeds zulke schreden
eeuwen verder, en hoe na aan de
twee, drie
volmaaktheid toe zult ge niet dan reeds wezen; en wie weet, eens wordt ge Gode gelijk! Eritis
angel
sicuti
dien
Deus,
d.
i.
God
zult als
gij
wezen, dus heet de giftige
onze Catechismus te goeder ure op Augustinus' voetspoor in
heel deze valsche theorie van zijn „best doen" heeft herkend.
Neen,
„Wat
daarom
zeggen
voor
God bestaan
stukken gelijkmatig
alle
toch
niet,
onvolkomen bij
Jesaja:
zijn
als
allen
onze
een wegwerpelijk kleed
„Wie de geheele wet
het antwoord op Vraag 62
beste
werken
al
uw
zijn in
Gods
dit
leven alle
als ;
een onreine en
wij
al
onze gerechtigheden
allen vallen af als een blad en onze
wilt ge, echo
zal houden, en ook
maar
op wat Jacobus uitroept in één
gebod
zal struikelen,
schuldig aan alle geboden." Altoos naar den grondtoon van wat
door Mozes openbaarde
wat er geschreven
is
:
in
„best doen"
besmet." Naklank van dat roerend zeggen
zijn
misdaden voeren ons henen" Of,
is
in
en daartoe komt ge met
„ook
met zonden
„Wij
opstellers
kan, moet gansch volkomen en der wet zijn,
want helaas en
de
„Vervloekt
is
een iegelijk die niet
in het boek der wet, dat hij
regel van het zedelijk leven, die Bilderdijks
het Parelsnoer aldus weergaf:
vrouw
blijft
dat doe." in
God
in alles
Een grond-
haar puntdicht van
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's