E voto Dordraceno - pagina 227
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. XLIII. HOOFDSTUK
met name genoemd, maar tevens
alleen de ergste
zonde
alle gelijksoortige
gebod beheerscht een eigen vak op het breede
Elk
begrepen.
onder
er
229
I.
veld der zonde, en duidt dit dan aan, door de meest in bet oog loopende
zonde,
die
met name
behoort,
toe
er
Maar
te veroordeelen.
dien verstande, dat in dit ééne verbod alle zonde die er of
mee
gelijksoortig
er
voorging,
dus de kerke Gods
heeft
de
waaruit
wortel,
veroordeeld
is,
mee samenhangt
Gelijk Christus zelf er ons in
zij.
elk
bij
gebod terug
te
gebod bestrafte zonde opsproot,
in dit
met
altoos
gaan op den
om nu
voorts
heel de zondige plante, die uit dezen wortel opkomt, onder hetzelfde oor-
Ook onze Catechismus
deel te begrijpen.
en
liet
Om
niet na, haar ook
nu wel
waar de wortel van de hier gewraakte zonde
in te zien,
moet ge
ligt,
teruggaan op de groote,
om
tusschen icaarheid en leugen^ en,
om nauwkeurig en hetgeen
is
deze tegenstelling te vatten, weder-
God de Heere
denkt.
mensch zoo wonderbaar
heeft den
niet enkel een reëele, werkelijke ivereld
hij
maar bovendien een
heeft,
beheerschende tegenstelling
alles
letten op het onderscheid, dat er bestaat tusschen hetgeen
gij
geschapen, dat
volgt steeds deze zelfde methode,
het negende Gebod toe te passen.
bij
der
tvereld
gedachten
in
om
zijn
zich heen
bewustzijn
omdraagt. Zelfs kunt ge voor een goed deel zeggen, dat ge aan de wezen-
hebben
hun eigen
zelfs
omtrent
is,
wereld
om
plaats
zal
meesten onzer,
drie dorpen in
bezield.
grepen,
men o,
daarom maken
ze
dan in de kleinere, werke-
veel rijker
Van wat
de geschiedenis achter ons
in
omdat
Niet
maar omdat
men
den omtrek. Maar
zekere voorstelling, en zijn ze dus in de
feitelijk
bijgewoond, niets gezien, niets
van onze gedachten. Past dan
van de wereld gezien, dan
niets
we toch van kindsbeen
zijn
voorgeslacht
oogen
zoo onbeduidend en zoo weinig. Heel wat
toch
zich heen.
zelfs niets
maar daarom
toe,
feitelijk
ze toch zeer wel, dat de wereld er is; die
wereld
lijke
ons
besef en
hun leven lang
wereld van hun gedachten
hebben we
o,
ik
met hoogstens twee
dorp,
daarom weten zich
of ruik
voel
hoor,
menschen
Wat
opgenomen.
hebt
bewustzijn zie,
uw
op elk gegeven oogenblik
wereld niets hebt, zoolang ge ze niet eerst in de wereld van
lijke
ligt,
met eigen oor gehoord
af door de heldendaden
van
ze in de werkelijkheid voor onze
ze in
werden gedragen
in de wereld
deze onderscheiding nu op heel ons leven
gemakkelijk inzien, hoe de wezenlijke wereld voor de
zoo bitter klein
is,
en hoe we veel rijker zijn in de veel
grootere wereld van onze gedachten. Ziet ge dit
nu eenmaal helder
in,
dan
zult ge tevens beseffen,
groot belang die wereld der gedachten, veel kelijke
deel
wereld,
worden
voor
de
heel
kinderen
uw
meer
leven op aarde
der
menschen
is.
door
zelfs
van hoe
nog dan de wer-
Slechts voor een klein
de
werkelijke
dingen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's