E voto Dordraceno - pagina 381
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
XLV. HOOFDSTUK
ZOND.
Gehed vindt
iu bet
eerst
Immers
heeft ze haar God,
om
het GpJ)od weer
ze tot rust.
God
grijpt dien
zij
God
hebben, en ook in dat Gebod haar
lief te
Ook onze Catechismus handelde derhalve volkomen
terug te vinden.
den
in
Gelove vindt ze in het Ge&erf het ware
gelove aan; en op grond van dat
middel,
komt
die actie haar voleinding en
Gebed
het
eerst in
383
IX.
juist
door het Gebed aan het slot te laten komen. Hooger dan het Gehed kan
de religie op aarde niet klimmen. Als de
ziel
ken met haar God verzoend en vereenigd
is,
op aarde te bereiken
valsche
religiën
is
na
die,
dan ook overeen. Raadpleegt ge toch de
feiten
den
allerwegen onder de volken ontstaan
val,
dan vindt ge natuurlijk ook onder deze valsche
zijn,
graad van vervalschiug. Er
zijn
dat
nog door
beginsel
nog een
het
bij
vindt ge dat het te
;
maar
hoog
er zijn er ook bij wie
en enkelen
zelfs zijn
er,
juiste beginsel overbleef.
met het Gebed
alle deze valsche religiën
wie
bij
En
vraagt
dan
staat,
Gebed ook onder de aanhangers dezer valsche godsdiensten
beteekenis erlangde, naarmate
hooger
wijs
van het
sterke heugenis
vrij
hoe
nu,
schemeren
blijft
religiën verschil in
onherkenbaar wordens toe het
er die tot
eenig ware beginsel der religie verduisteren;
ge
het hoogste verkregen, wat
valt.
stemmen de
Hiermee
waarlijk in zielsinnig smee-
en
stond,
hun
religie
nog vergelijkender-
daalde in beteekenis, naar gelang de
daarentegen
polsslag van het godsdienstig leven flauwer
bij
hen
Ook onder de
sloeg.
bespeurt ge, hoe de beteekenis van het Gebed met de zui-
Christenheid
verheid der religie in haar verschillende afdeelingen op en neer gaat. Bij
de
Arminianen en Unitariërs was van de innigheid van het gebedsleven
van meet af niet veel ëerd
er
;
waren er ook onder hen en
gezalfdheid
de
In
die vurig
;
maar toch de
die kringen op zedelijke plichtsbetrachting
Roomsche kerk wordt
de
bidden konden
innigheid was zeer klein van afmeting, en veel meer
dan op Gebed werd in gelegd.
Het gebed werd onder hen wel ge-
te bespeuren.
ongetwijfeld veel
meer dan
nadruk ons
bij
gebeden, maar wie wel wikt en weegt, hoe het bidden hier vaak bestaat in het tien en
meer malen achter elkaar opzeggen van
wone Roomsche leeken kan
om
dan formu-
en daarbij in rekening brengt, hoeveel afleiding voor de ge-
liergebeden,
geven
niets
aanroeping van Maria en de heiligen
gebedsaaudacht van den eenig waren God af
de
moeilijk
in de
ontkennen,
dat het gebed hier
bij
is
ge-
te trekken,
den gevvonen leek
alles
behalve in zijn zenith staat. Veeleer schijnt voor de groote massa het Ge-
bed
en
zelf
mits
hem
een soort gehod
de
niets te
af
te
doen
te
zijn
bidden
taak
overblijft,
ook
geworden. Zoo en zooveel moet afgebeden,
maar al
was
voleind ér
zij,
acht de bidder dat
van gemeenschap der
ziel
met
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's