E voto Dordraceno - pagina 446
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. XVI. HOOFDSTUK
440 gruwelen
Het graf is
En na den
sterven."
„Gij
Gods over onze zonde. Het
stof zijt gij
Heere
de
sprak
val
tot stof zult gij weerkeeren."
en
spreekt
zou
zijn,
in
want
zijt;
dus geen quaestie van
geen volkomen Verlosser
dus vanzelf, dat Christus voor ons
indien er op het borgtochtelijk lijden en sterven^ ook niet een
indalen in het
ook
genomen
gij is
van de straf voor onze zonde, en
of het indalen in het graf is een deel
het
Er
„Gij zult den dood
:
dan ook uitdrukkelijk
het
weerkeeren tot de aarde waaruit
zult
diepte des
maar van de
van het geducht paleis onzes Gods in het
een deel van dien gedreigden dood, toen God sprak
uit:
de
onzer aller moeder.
is,
alzoo een rechtvaardige wrake
is
van
spreekt
de hooge sferen der hel. Neen,
helle beneden, en
Jeruzalem dat boven
Niemand
zoeken.
niemand van
der
diepte
beneden
altoos
en
hemels,
III.
graf voor ons gevolgd was. Keeds de profeet had het dan
Psalm XVI en Jesaja LUI voorzegd, zoowel dat
men
zou neerdalen, als dat
zijn
graf
hij
in den kuil
de goddeloozen gesteld heeiL
bij
En
Christus zelf had er reeds voor zijn lijden herhaaldelijk op gewezen, dat
het zijn van Jona in den buik van den walvisch, met
al
het afgrijzen, die aan deze bangheid hing, ook aan
en
Jona was
worden.
want
ingewand van den visch
heeft uit het
hij
nu Jona
die ons opslokt
aarde wordt de begravene
En
omklemd en
begraven worden nu, dat
dat
Hij heeft de aarde haar
tot
God gebeden. En
mond
der aarde op den derden dag
Denke dus niemand bij
is
ware het langzaam verslonden.
als
het wat Jezus ook voor ons droeg.
laten opendoen
om hem
van
wat
vrij
ingewand
laten uitgaan. Juist zooals Jona.
juist het
is
graf
het
zangers
voor
en
de
Heere
graf
Jezus'
weten
Immanuël
dichters
was. Waarlijk niet een ruste, gelijk
u hebben voorgesteld, zijn,
was het graf dat
dank
wij
zij
o,
Gewisselijk, voor
het graf van Jezus.
door onze zonden verdiend
heeft zijn teekening en schets in Gen. III
:
19 en
U: 1—10. we, dat er van oudsher neiging bestond, ook onder Gere-
formeerde theologen, en
van Jo7ia in
Jezus
voor ons de duidelijke en schilderachtige aanduiding
inging
hij
Jona I: 17 en
rekenen,
zwelgen in
uit dat
manier van vergelijking heeft gesproken. Omgekeerd,
Maar waar
Wel
in te
verband
dat
ons kan het graf een plaats der ruste
hadden.
hem
dit
gebeurde met Jona
valsche
zooals
en inzwelgt, en in het ingewand der
haar ingewand, en wonderbaar heeft God Almachtig
slechts
bewustheid,
ook voor ons de aarde, als de grafmond zich opent, een
is
bange macht
soort van
zou vervuld
zijn
ingewand van een zeemonster zich omklemd en besloten
in het
gevoelde, zoo
hem
den buik van het zeemonster met
in
de verschrikking
de
om
het graf reeds tot de verhooging des Heeren te
vernedering
bij
den kruisdood
te laten
eindigen, en
we
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's