E voto Dordraceno - pagina 323
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. XII. HOOFDSTUK VI.
Dat beduidt, dat
lijke kracht.
daadwerkelijk
niettemin
op^ding
er die,
Zoo
wierd
van
dus
aan
vertroosting
er niets in
geloof,
maar dat
inzat,
ze
aan had gehecht. doel
tweeërlei
wie
hun wezen
aanbrachten, omdat God de Heere
vertroosting
Om hem
geprofeteerd.
er uit het wezen van deze ceremoniën niets
kwam, omdat
vertroosting
tot
317
riep
tegelijk
alles.
En
door
het
geloofde
De
bereikt.
wierd
toch
instrument
Christus
wierd
tegelijkertijd
de
ceremoniën
dezer
toebedeeld.
Het gezegde saamvattende komen we dus In
1".
het
priesterschap
paradijs, bij in
daarin
bestond, dat de
alleen
voor
God,
wezen
mensch
zelf
alleen uit
ingeplant
God
welk priesterschap
;
zijn inspiratie
van heel
toewijding
de
in
God de Heere het
de schepping zelve, heeft
menschen
's
deze slotsom:
tot
ontving en
hart en al wat zijns
zijn
was, leefde.
De
2.
king 's
zonde zelve
van
het
Menschen
van
hart
De
de verbreking van dit priesterschap.
is
Het ontnemen
God.
roof van zijn eigen persoon
God van
aan
om niet Godes
te zijn,
aftrek-
zijn
maar
eere.
zichzelf
te bezitten.
Hieruit nu wordt deze toestand geboren, dat eenerzijds alle priesterschap wegvalt,
en
Immers
bestond
dat
van heel ons bij,
om
De
3.
te
en heel onzen persoon aan God, nu
zondaar, die reeds geen priester
beteekenis,
tweede
taak
de
des
en
te
ver-
roeping,
Wat
op.
uitgeklopt
van
om
het
in
kon in de oorspron-
zijn
om
zijn priesterschap
Allerhoogsten
Melchizedek
nabloeiïng
meer
pogen
al zijn
Bij
moest dus
Het besef van de
gedroogd
er de taak
Gods hooge majesteit
was uiteraard nog veel minder
vervullen.
te
priester te blijven,
laatst in
kwam
beteren.
kelijke
priesterschap
taak ontvangt.
het priesterschap oorspronkelijk alleen in de toewijding
zijn
eer dit weer kon, de zonde tegen
zoenen en
van
verdubbeling
een
anderzijds
het
in
staat,
zich op te
gezien wordt
boomblad,
maar
wezenlijke,
in
houden en
poging
om
het
hooghouden, treedt dies het
blijven
hem
ook deze
wel ondergaan.
priester te zijn, en de
te
om
met dat
onze
is
een ruïne,
al is
natuur
is
een
het nog altoos
gegronde priester-
schap. 4.
zeer
Overmits echter ten
volle
dit priesterschap
wezenlijk,
nochtans
reeds terstond na den val, hoe-
door
de zonde alle kracht verloren
om vrucht te dragen, heeft nu God de Heere neerd, om in de volheid des tijds dit gezonken en had
priesterschap,
dat
het
laatst
in
den Messias verordimachteloos geworden
Melchizedek naflikkerde en daarna
uit-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's