E voto Dordraceno - pagina 462
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
:
462
XXV. HOOFDSTUK
ZOKD.
maar dat deze beteekenis
hecht,
volken uit
alle
waarbij
Iets
wel
is
IX.
hun schepping
in
zelve inlag en er door
verstaan.
we ten
nog op tweeërlei omstandigheid wijzen. En
slotte
ten eerste hierop, dat water, brood en wijn geschapen zijn met het
oog op den mensck, en alzoo tevens zekere betrekking op ons menschelljk
wezen uitdrukken. Ze
voertuigen van Gods almogende kracht
zijn
leven in stand te houden. Niet toch
brood
slechts
is
mond
Gods
versterken.
voertuig
uitgaat,
ons
in
brood alleen leven we, maar het
instrument, waardoor het Woord, dat van
of
om
dringt,
En
Zie Deut. VIII.
bij
om ons
ons leven te vernieuwen en te
ook in zooverre zijn deze elementen dus
natuurlijke zinbeelden van de Sacramenten, die eveneens middelen in
hand
om
waarvan Hij zich bedient,
zijn,
Ook toch van het Sacrament kan men zeggen, dat de mensch het water, het brood en den wijn alleen behouden wordt,
sacrameuteele
mond
zijnen
En ook
in
in
teekenen dan slechts kracht oefenen,
als
niet door
maar dat deze
Gods Woord
uit
uitgaat en het Sacrament zegent.
de tweede plaats
zij
er op gewezen, dat althans het water en de wijn
de nieuwe schepping hun beteekenis zullen erlangen. Iets wat van den
wijn blijkt uit wat Jezus in Mare. u,
Gods
ons geestelijk leven te sterken.
XIV 25 :
zegt
:
, Voorwaar,
voorwaar zeg ik
dat ik niet meer drinken zal van de vrucht des wijnstoks, totdat ik die
met u
niet
blijkt dit
Gods
zal drinken in het Koninkrijk
duidelijk uit de beschrijving
En wat
zal vloeien.
mijns vaders".
van den stroom,
Van
het water
die door het paradijs
het brood aangaat komt dit zeker niet in de
hemel en de nieuwe aarde voor maar
beschrijving van den nieuwen
;
niet-
temin hebben we desaangaande deze raadselachtige uitspraak des Heeren „Zalig
is
die brood eet in het
hij,
herhaaldelijk betuigen van het
Het gevondene
kortelijk
Sacramenten zeer zeker ingesteld,
maar dat
als
Koninkrijk Gorfs," en hooren we Jezus
Brood dat
uit
den hemel
is
neergedaald.
saamvattend, mogen we dus zeggen, dat de
genademiddelen eerst
om
der zonde wille zijn
ze ons niettemin elementen voorstellen, die reeds in
de Schepping gegeven waren en die reeds in hun schepping een sprake of
gedachte meekregen, die ook zonder nadere openbaring er uit kan worden verstaan, in zooverre reiniging^ voeding en verhooging van het leven, ook
op
gebied overgebracht, de bedoeling aanduidt, waarmee deze
geestelijk
elementen
onder
die elementen
natuur
nog
alle
volken
in rapport staan.
verder
in
de religie zijn aangewend.
Voorts dat
van water, brood en wijn van nature met onze menschelijke
reikt
En
eindelijk dat de beteekenis
van deze elementen
dan deze tegenwoordige bedeeling, en dus ook
zeggen heeft voor de nieuwe bedeeling die komt.
iets
te
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's