E voto Dordraceno - pagina 338
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZOND. XXIII. HOOFDSTUK VII.
338 waardoor
En
de toepassing van
hij
het
tweede,
uw
creaturen
God
making
wien
komt,
geloof
in
houde
men en
raad,
God en
engelen en machten en
alle
men dus
zeggen, dat de daad der rechtvaardig-
zoolang
is,
deze
mededeeling aan den
God de Heere
in dien zin gezegd, dat
wekken
plaats
niets
het
in
oog,
dat door de mededeeling van
dan een noodzakelijk
grijpt
uitvloeisel
van
zijn
mededeeling of afkondiging aan de zaak
er door deze
veranderd wordt. Gij staat niet pas
iets
eerst door het
rechtvaardigmaking aan u voltrekt. Slechts
zijn
scherp
daarbij
met het
als
rechtvaardige
als bij
boek van het oogenblik af dat deze mededeeling u bereikt heeft
te
u ontvangen
door
van
kan te
dat
zaak nóch
voor
het aangaat, niet plaats greep; en wijl dit eerst
u
afkondiging
Heere
de
voldongen
geheel
niet
geloof
persoon ontvangt.
recht zal uitbrengen.
Niet zonder recht kan
persoon,
zijn eigen
publieke afkondiging, zal eens in den dag des oordeels
wanneer
geschieden,
Evangelie op
dit
het
oogenblik
vaardigmaking
is,
maar uwe
positie als
God
besluit
dat
af
uw God
bij
zijn
een rechtvaardige rekent
nam. Toen ging uw
recht-
in.
Let ook hier nog op.
Er
de rechtvaardigmaking, gelijk Brakel en
bij
is
ook
inzagen,
juist
Catechismus
van
sprake
nadruk op
er
moet hem
medegedeeld, het moet afgekondigd, en
dit
nu
zoo
zijn
nog
God
ook, of
boek
hem
schrijft,
niet genoeg.
Er
dit
Stond
het
van
aan
het
zoodanig geloof
uw
niet.
in in
om- en
overbuigt,
door
zelven. Hij
u
hem
:
Vooreerst dat
persoonlijk geldt,
hij
zijn
u
believen,
Diezelfde
maar ook
ten
dan zou
God
boek schreef,
dit
de zaak onzeker maken.
toch, die u rechtvaardig verklaarde is
ook de God die u wederbaart,
werkt en die u door dit geloof tot de aanneming
uw
wil
en alzoo te weeg brengt, dat het aangenomen wordt
maakt dat
doet.
Het
daad
zelve, het willen en het
is
dit is
door dit
weldaad beweegt. Niet werktuigelijk, maar zoo dat Hij
zijn
niet.
Deze goddelooze moet het ook aannemen.
nu
dit staat
als
die
ook weten
benoeming
door het geloof deze weldaad aanneemt.
hij
dit
men moet
hielp de
aanzegt en het publiek afkondigt,
geloof de zekerheid erlangt, dat het
en
onze
een „goddelooze" als een „rechtvaardige"
al
heeft dus in het geloof tweeërlei plaats
andere dat
Maar
ook
met een geloovig hart aanneem.
benoemde het aanneemt. Zonder dat toch
En
der Groe zeer
dan
een koning heeft iemand tot gouverneur van Indië benoemd, dan
Stel,
in
Van
gelijk
dat ik deze rechtvaardigmaking slechts
legt,
in zooverre geniet, als ik ze
of de
aanneming,
een
gij
het kunt doen, het wilt doen en het
God, die ook te dezen opzichte werken.
in
u werkt den
ivil
en de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's