E voto Dordraceno - pagina 245
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. XLIII. HOOFDSTUK
247
III.
en ze dus zelf haar vorm schept, waarin ze optreedt, beweegt ze zich
is,
zoo
en sluw, zich wringend
vrij
name
in
allerlei
met
kronkelingen, en voelt ge
in deze zonde zoo diep onze menschelijke ellende en de schade die
ons geslacht beliep, toen het eenmaal uit de klare, reine, nuchtere waarheid uitviel.
Het
komt
sterkst
Op
de historie.
uit in
dit
zichzelf zoudt ge zeggen,
dat niets lichter valt en zekerder gaat, dan
mede
te deelen
wat
op te
maken
geschied
van getuigen,
geschied
en te verhalen
uit het verhoor
uitkomst getoond, hoe bijna onmogelijk het
komen wat geschied
achter te
is
En
waren, en alles gezien en gehoord hebben.
die er bij
heeft, helaas, de lijk
hetgeen
en
is,
is.
Leg
b. v.
is,
toch
er wezen-
naast elkander wat u omtrent
het glorietijdperk van onze vaderlandsche historie eenerzijds door de Calvinisanderzijds door de Moderaten, en in de derde plaats door de
ten,
geschiedschrijvers bericht wordt
;
en ge
ziet
immers, dat het telkens uiteen-
hun handelingen en motieven,
loopt dat het oordeel vooral over de personen, bijna op elk punt verschilt, en dat zekere
Roomsche
wanhoop
zich
van u meester maakt,
ge uit die tegenstrijdige berichten de tvaarheid poogt op te maken. Er
als is
dan ook bijna geen terrein waarop zoo rusteloos valsch getuigenis gegeven
is
en nog wordt, als op het terrein der historie.
boos opzet, dit
van
het
bracht.
is
niet te wijten
Men ziet de dingen men ze; en alzoo dit
dit ligt
aan opzettelijke leugen, maar
nu is
niet
aan
een gevolg
onzer natuur en de ellende, die de zonde over ons
gebrekkige
doorleeft
Juist
En
zóó en niet anders; zóó gevoelt
maant
echter
men
ze,
zóó
en niets anders staan ze voor ons vast. tot
zoo groote omzichtigheid, daar natuurlijk
dezelfde onzekerheid van oordeel ons ook achtervolgt in het heden, en
den dunk dien we ons van levende personen,
bij
van onze eigen omgeving
ja,
vormen. „Liefde maakt blind," en telkens bespeuren we dan ook, hoe de ouders bevooroordeeld
zijn in
onder elkaar gewoon
zijn
en
van
hoe,
gevolg
als
worden
getuigenissen
de
waarheid
der
de opinie over hun kinderen; hoe vrienden
elkander van de gunstigste zijde te beoordeelen deze
afgelegd,
feiten
en
sympathie,
metterdaad
allerlei
die zeer stellig niet gedekt
toestanden.
gunstige
worden door
Maar omgekeerd, en
dit is
nóg
bedenkelijker, werkt tegenzin en afkeer even sterk op ons oordeel in; en
ook
zonder
liegen,
dat er in ons nog de minste toeleg
zullen
we
over
allerlei
personen
en
is,
om
te lasteren of te
toestanden,
volmaakt
te
goeder trouw, een opinie uitspreken en een oordeel vellen, dat we meenen dat
toch
voor ons vaststaat en van welks waarheid we overtuigd feitehjk
onwaar
is.
Dit ontwaren
we het
zijn,
en dat
best aan ons zelven.
ééne maal zullen we gevoelen, dat een ons genegen persoon veel
te
De
gunstig
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's