Sociale hervormingen - pagina 406
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel III.
394
noch in een der in het eerste lid bedoelde werklokalen, eene open loods of buiten verricht, indien hem ingevolge art. 1 2 1 verboden is in zijn werklokaal te schaften of hij zulks niet wenscht te doen, genoodzaakt zal kunnen worden, zich voor het nuttigen van voedsel buiten de fabriek of werkplaats te begeven. Met betrekking tot de bepahng van het tweede lid werd gevraagd, of die ook geldt voor arbeiders in steenbakkerijen. Zoo niet, dan zou men haar alsnog tot die arbeiders wenschen te zien uitgestrekt. Voorts werd gevreesd, dat de hier opgelegde, niet onaanzienlijke kosten met zich brengende verplichting om een doelmatig, behoorlijk verlicht, zindelijk gehouden, 's winters voldoend verwarmd lokaal ter beschikking te stellen, er de werkgevers wel eens toe zou kunnen brengen het schaften ter plaatse te verbiearbeid
noch
in
Ook schijnt bij deze bepaling te zijn uit het oog verloren, dat een groot aantal bestaande fabrieken de beschikbare plaatsruimte eenvoudig niet toelaat een afzonderlijk schaftlokaal in te den. bij
richten.
Wat de redactie betreft, werd opgemerkt, dat de uitdrukking „arbeid verrichten" in het systeem der wet de voorkeur zou verdienen boven „werkzaam zijn". Voorts trok het de aandacht, dat in het eerste lid staat „voedsel nuttigt" en in het tweede lid „schaft". Het scheen beter, waar in beide leden hetzelfde bedoeld is, eene zelfde uitdrukking te bezigen.
Art. 123. Met de in de Memorie van Toelichting uitgedrukte meening, dat het voorschrift, dat voor de arbeiders in eene werkplaats ten minste één doelmatig privaat moet beschikbaar zijn, volstrekt niet kan worden geacht van te ver gaande strekking te zijn, konden verscheidene leden zich niet vereenigen. Zij meenden, dat het niet aangaat, nu volgens het ontwerp ook de armzaligste woning als werkplaats kan zijn aan te merken, aan alle werkplaatsen een eisch te stellen, welk in de Woningwet voor woningen niet wordt voorgeschreven; ingevolge de Woningwet toch is het niet verboden, dat voor verscheidene woningen met één privaat wordt genoeg-en genomen, en thans zouden diezelfde woningen, alleen omdat één of meer der bewoners aldaar arbeid verrichten, als in art. 9 van het ontwerp wordt omschreven, elk van een privaat moeten worden voorzien. De in het tweede lid voorgestelde verhoudingen tusschen het aantal privaten en het aantal arbeiders kwamen aan sommige leden niet juist voor zij meenden, dat meer privaten beschikbaar ;
moeten worden gesteld. Enkele leden achtten, in strijd met het door den :Minister in de Memorie van Toelichting uitgesproken gevoelen, een voorschrift, dat de privaten gesloten moeten zijn, gewenscht, aange-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's