Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Sociale hervormingen - pagina 129

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Sociale hervormingen - pagina 129

voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.

2 minuten leestijd

iig het repressieve middel, den man in art. 163972 toegekend, behoort bij de vrijheid, aan den minderjarige gegeven om, mits behoorlijk gemachtigd, als arbeider eene arbeidsovereenkomst aan te gaan, aan den vertegenwoordiger van den minderjarige het middel te worden aan de hand gedaan om de door den minderjarige, zelfs geheel binnen de perken in de machtiging aangegeven, gesloten arbeidsovereenkomst te doen ontbinden. Door de formuleering van de machtiging in staat preventief de belangen van den minderjarige te behartigen, wordt den vertegenwoordiger in art. 1639 c de gelegenheid geschonken tegen de overeenkomst, waaruit voor den minderjarige nadeelige gevolgen dreigen te komen of misschien reeds aanwijsbaar zijn, zich te verzetten. Trekt zich de vertegenwoordiger van den minderjarige diens belangen te weinig aan, dan zal het Openbaar Ministerie krachtens art. 1639/ doen wat des vertegenwoordigers was en den minderjarige tegen nadeelen kunnen behoeden. de bevoegdheid van het openbaar gezag in deze boven iederen twijfel te verheffen, heeft de ondergeteekende de tegenwoordige redactie van het artikel verkozen boven die van het Ontwerp van 1 90 1 krachtens deze laatste toch was de ambtenaar van het openbaar ministerie eerst bevoegd om op te treden, indien hij zelf van meening was, dat de omschreven ongewenschte toestand aanwezig was, en indien tevens de wettelijke vertegenwoordiger nalatig was het verzoek te doen edoch, voordat deze nalatigheid kon worden geconstateerd, moest bewezen zijn, dat de wettelijke vertegenwoordiger zelf van meening was, dat de bedoelde ongewenschte toestand bestond. Voorwaar, een niet gemakkelijk te constateeren feit. Deze moeilijkheid wordt overwonnen door aan het openbaar ministerie eene concurrente bevoegdheid te verleenen. Het spreekt vanzelf, dat de ambtenaar niet zal handelen, waar de wettelijke vertegenwoordiger tijdig optreedt en slechts dan zijne vordering zal instellen, wanneer, gelijk hierboven reeds is gezegd, de vertegenwoordiger zich te weinig aan den minderjarige laat gelegen liggen. De artikelen 163919 en 1639/ sluiten zich voor het overige geheel bij artikel 163972 aan.

Om

;

;

Artt. 1639^ 1 net ontwerp staat hier op den voor1639/. het beginsel, dat ook door eigenmachtige eenzijdige verbreking de dienstbetrekking eindigt. Daarmede wordt vooreerst ter zijde gesteld de werkelijke dwang, in het bijzonder tegenover den arbeider, tot nakoming der overeenkomst {reè'ele executie). In ons land bestond vroeger hier en daar de regel, dat de dienstbode, die den dienst had verlaten, gedwongen werd terug te keeren. Bepalingen in dezen zin gelden thans nog in Duitschland en Oostenrijk volgens verschillende Gesindeordnungen; in Oostenrijk vindt men ze ook in de

grond

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905

Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's

Sociale hervormingen - pagina 129

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905

Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's