Sociale hervormingen - pagina 260
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel III.
248
rende 6 weken van allen industrieelen arbeid zijn uitgesloten en tijdens hare zwangerschap te allen tijde enkel door hiervan kennis te geven den arbeid kunnen neerleggen. Bij
besluit
van den Bondsraad van
13
December 1897
zijn,
ingevolge art. 15, 3de lid, der Fabriekswet, de fabrieken aangewezen, waarin zwangere vrouwen in 't geheel geen arbeid verrichten mogen.
De Bondsraad kan voorts de werkzaamheden aanwijzen, welke kinderen bencde^i 16 jaar niet mogen verrichten. Dit is eveneens geschied bij laatstgenoemd besluit. Ten slotte wijst de wet zelve in art. 15, 4de lid, als werkzaamheden, die door vrouwen niet mogen verricht worden aan het reinigen van in beweging zijnde motoren, transmissies en gevaar opleverende toestellen. Volgens § 94, eerste en tweede zinsnede der GeOostenrijk. werbeordnung mogen kinderen, die den ouderdom van 12 jaren nog niet volbrachteit, geen regelmatigen industrieelen arbeid verrichten en kinderen van 12 14 jaren niet, in zooverre die arbeid
—
nadeelig zoude zijn voor de gezondheid, de lichamelijke ontwikkeling zoude benadeelen en aan de vervulling van den wettelijken leerplicht in den weg zoude staan. Kinderen heneden 14 jaar mogen in fabrieken niet regelmatig werkzaam gesteld worden en kinderen van 14 16 jaren mogen slechts deel nemen aan gemakkelijken, voor de gezondheid niet nadeeligen arbeid, die de lichamelijke ontwikkeling niet belemmert en 2.) I (§ 96, Bij beschikking van den Minister van Handel van 18 Juli 1883 is omschreven wat onder fabriek moet worden verstaan. In bergwerken mogen kinderen beneden 14 jaar doorgaans niet arbeiden; bij wijze van uitzondering mogen die van 12--14 jaar lichten arbeid \^errichten, wanneer de leerplicht daaraan niet in den weg staat en zij vergunning hebben verkregen. Jongens van 14 ^18 jaar mogen slechts dien arbeid verrichten, welke de lichamelijke ontwikkeling niet benadeelt. Vrouwen mogen niet binnen 4 weken na hare bevalling regelvan de Bergwet is deze termijn 6 matig arbeiden. Volgens § weken, wanneer geen geneeskundig attest den arbeid in bergwerken binnen korteren tijd zonder bedenking verklaart. Volgens § 94, al. 4, kan de Minister van Handel, in overleg met dien van Binnenlandsche Zaken, bij besluit de gevaarlijke of voor de gezondheid schadelijke werkzaamheden aanwijzen, welke door jeugdige arbeiders en vrouwen niet mogen worden verricht. Een dergelijk besluit werd, voor zoover kon worden nagegaan, tot heden niet genomen,
—
—
i
Kinderen beneden 12 jaren mogen niet werken in beBelgië. drijven, waarop de wet van 13 December 1899, betreffende vrouwen-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's