Sociale hervormingen - pagina 108
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I.
98 Zal het stelsel van het ontwerp in de practijk niet verkeerd werken, dan moet hij, die den werkman in de verzekering opneemt, ten aanzien van lederen werkman, die zich aanmeldt om verzekerd te worden, onderzoeken of er reden bestaat om te twijfelen aan zijn validiteit en, is dit het geval, den betrokkene door een deskundige doen onderzoeken. Een regeling in dien geest ligt in de bedoeling (art. 138 litt. h) en levert geen bezwaar op, waar daartoe ingestelde commissies of ambtenaren der Bank zullen worden belast met het toelaten van werklieden tot de verzekering, maar zou niet mogelijk zijn in Duitschland, waar met de uitvoering der invaliditeitswet belast zijn politie- en gemeenteambtenaren, voor wie de werkzaamheden uit die wet voortvloeiende in den regel niet anders dan bijzaak kunnen zijn. Ook indien men in Duitschland in beginsel de voorkeur had gegeven aan een regeling als die van art. 9, eerste lid van het ontwerp, zou het gevaar voor de veiligheid der Anstalten vermoedelijk van aanneming daarvan hebben teruggehouden. Waar voor de uitvoering der wet over een voldoend aantal ambtenaren of commissies beschikt kan worden, schijnt het stelsel van art. 9, eerste lid van het ontwerp boven dat der Duitsche wet de voorkeur te verdienen. Op den voorgrond staat, dat het doel der verplichte verzekering niet volledig bereikt wordt, tenzij de werkman aanspraak op rente kan verkrijgen, ook indien de invaliditeit spoedig na het ingaan der verzekering intreedt. Wordt ieder, die door loonarbeid in zijn onderhoud voorziet, verplicht een deel van zijn loon te besteden om zich een rente te verzekeren voor het geval hij buiten staat geraakt te arbeiden, dan bestaat er geen reden om die verplichting te beperken in dier voege, dat hij geen voorzorgen behoeft te nemen voor het geval hij binnen bijv. driejaren na het ingaan der verzekering invalide wordt. Een tweede bezwaar tegen de Duitsche regeling is gelegen hierin, dat het opleggen van de verplichting aan den werkman om zich by de Bank te verzekeren in dat stelsel moeilijk te rechtvaardigen zou zijn, indien particuliere maatschappijen bereid zijn het risico te loopen, hetwelk de wetgever te groot acht voor de Bank. De groote massa der werklieden is niet invalide en verkeert evenmin in een toestand, die reden geeft te vreezen dat binnen enkele jaren invaliditeit zal intreden. Er zouden vermoedelijk particuliere verzekeringsbanken zijn, die geen bezwaar zouden maken werklieden een rente te verzekeren voor het gev-al van invaliditeit, ook indien de invaliditeit kort na het ingaan van de verzekering intrad. Zij zouden de werklieden niet verzekeren dan na geneeskundig onderzoek; zij zouden een hoogere premie moeten vorderen dan aan de Bank betaald wordt maar dit neemt niet weg dat zij het meerendeel der werklieden de gelegenheid zouden aanbieden om de moreele verplichting, die op hen rust, geheel te vervullen, terwijl de werklieden bij de Bank onverze;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's