Sociale hervormingen - pagina 239
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
2 95
leden werd toegegeven, geen andere uitweg over, dan inroeping van de hulp des wetgevers. Dat eene wettelijke regeling als de voorgestelde, hoe goed zij ook moge zijn bedoeld, aan de opgewekte verwachtingen niet zal kunnen beantwoorden, omdat voorshands de elementen ontbreken, die zoodanige sociale wetgeving tot haar recht kunnen doen komen, is eene stelling, die in de algemeenheid, waarin zij door sommige leden is opgezet, niet kan worden toegegeven. Wel wordt gaarne erkend, dat op hoe ruimer schaal zulke elementen worden aangetroffen, in des te bevredigender mate elke regeling van sociaal-wetgevenden aard, dus ook deze, tot haar recht zal komen. Maar de Regeering is beslist van oordeel, dat ook reeds op zich zelve en afgescheiden van andere, publiekrechtelijke regelingen, die ten doel hebben kapitaal en arbeid
op verschillend terrein meer harmonisch te doen samenwerken, de thans voorgedragen regeling goede vruchten zal kunnen dragen. gelijk uit § 10 dezer algemeene beschouwingen Vooral wanneer eene vereenen uit het gewijzigd ontwerp nader zal blijken voudigde wijze van procedeeren hare vruchtbaarheid krachtdadig
—
—
komt bevorderen. Dat de Memorie van Toelichting een uitgebreid en uit§ 3. voerig stuk werk is, valt niet te ontkennen. Zij, die er over klagen, dat die Memorie te zeer het karakter zou vertoonen van eene wetenschappelijke verhandeling, zien over het hoofd, dat dit karakter evenzeer als de daarin door andere leden geprezen deugdelijkheid ook reeds eigen was aan de Memoriën van Toelichting, behoorende bij het vorig ontwerp en bij het ontwerpDrucker en dat uit dien hoofde, ook al ware de methode, door die Memoriën gevolgd, minder juist voorgekomen, het zijne eigenaardige bezwaren zou hebben medegebracht ten deze thans een anderen weg in te slaan. Gaarne wordt overigens toegegeven, dat eene Memorie van Toelichting tot een wetsontwerp in het algemeen dan het best aan haar doel beantwoordt, indien zij zich bepaalt tot het geven van een duidelijk, beknopt overzicht van de gronden, waarop het ontwerp rust. In het onderhavige geval pleitten evenwel buiten en behalve den reeds hierboven aangegeven grond meerdere redenen voor afwijking van dezen stelregel. Altijd onder deze voorwaarde natuurlijk, dat aan de uitvoerigheid en het wetenschappelijk gehalte de duidelijkheid niet werde opgeofferd. En dat, naar het vrij algemeen gevoelen der Tweede Kamer, zulks niet het geval is geweest, mocht de Regeering uit het Voorloopig Verslag tot hare groote voldoening
—
—
— —
ervaren. §
4.
kracht toonen,
Naar de meening van sommige leden zou de arbeidsruilwaar niet zoodanige bijzondere eigenschappen verdat daardoor de stelling des arbeiders, vergeleken bij
als
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's