Sociale hervormingen - pagina 99
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel III.
87
overtreding
a.
249,
van het bepaalde
250,
251,
258,
259,
in
een der artikelen 31, 41,
260, 263,
iste
lid, 293, 296, 307, 321, 323, 342, 346, 347, 350, 369, 371, 373, 374, 375, 376, iste lid, 379, 380, 2de Hd, 381, 382, iste Hd, 383, 389, 39O, 391, 393. 394. 397. 398, i^'^ lid, 399, 400, 401, 402, 403, 404, 410, 411, 412, iste lid, 417, iste lid, 418, 420 en 422;
61,
73,
b. het niet voldoen aan een ingevolge hoofd of bestuurder gegeven voorschrift;
deze
wet aan een
overtreding van eene der bepalingen van een algemeenen c. maatregel van bestuur, als bedoeld in een der artikelen 253, 264 en 421.
Indien tijdens het plegen van het feit geen twee jaren zijn verloopen sedert eene vroegere veroordeeling van den schuldige wegens eene overtreding, als hiervoor onder a, b oï c genoemd, onherroepelijk is geworden, kunnen de straffen worden verdubbeld. Hechtenis van ten hoogste eene maand wordt opgelegd, wegens overtreding van een der artikelen 73, 346 en 369, indien binnen twee jaren, welke aan het plegen van het feit voorafgaan: a.
meer dan ééne veroordeeling van den beklaagde wegens
eene der is
in
deze artikelen bedoelde overtredingen onherroepelijk
geworden of
de beklaagde meer dan eens de boete vrijwillig heeft bewaartoe hij wegens eene der in deze artikelen bedoelde overtredingen is veroordeeld, of b.
taald,
c. eene veroordeeling van den beklaagde wegens eene der in deze artikelen bedoelde overtredingen onherroepelijk is geworden en hij eene boete vrijwillig heeft betaald, waartoe hij wegens eene van die overtredingen is veroordeeld.
Ingeval van overtreding van een der artikelen 73, 369, 400, 402 en 403 wordt eene afzonderlijke straf opgelegd ten opzichte van eiken arbeider, met wien of ten aanzien van wien overtreding is gepleegd, en voor ieder etmaal, in den loop waarvan die overtreding is gepleegd. Ingeval van overtreding van artikel 346 of artikel 347 wordt eene afzonderlijke straf opgelegd ten opzichte van eiken arbeider, die werkzaam is op het middel van vervoer en met wien of ten aanzien van wien overtreding is gepleegd, en voor ieder etmaal, in den loop waarvan die overtreding is gepleegd. 401,
Artikel 425.
Met hechtenis van van ten hoogste
vijf
ten hoogste veertien dagen of geldboete en zeventig gulden wordt gestraft :
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's