Sociale hervormingen - pagina 155
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I. Stuk II.
417 of zijne rechtverkrijgenden. Bij de aanvrage
om
schadeloosstelling attest over-
moet de belanghebbende bovenbedoeld rapport of leggen.
Denemarken. In Denemarken is de ongevallenverzekering van visschers geregeld bij de wet van 3 April igoo, welke den eersten October 1900 in werking is getreden.
Omvang
der verzekering. Ieder, die op Deensch grondgebied levensonderhoud vindt in de visscherij, hetzij geheel of gedeeltelijk, hetzij voor eigen rekening of in dienst van een ander, kan door storting van eene jaarlijksche bijdrage van vijf kronen lid worden van een Verzekeringsbank tegen ongevallen van Deensche visschers, erkend door den Minister van Binnenlandsche Zaken. De verzekering is dus facultatief en niet
woont en
zijn
imperatief.
Indien den verzekerde tijdens de uitoefening der visscherij op een Deensch vaartuig, hetzij op hetzij buiten de Deensche wateren, een ongeval overkomt, dat hem geheel of gedeeltelijk ongeschikt maakt tot werken, wordt hij schadeloosgesteld naar de voorschriften van bovengenoemde wet en van de wet van 7 Januari 1898 betreffende de verzekering van werklieden tegen de gevolgen van ongevallen in bepaalde bedrijven. (Laatstgenoemde wet is gewijzigd bij de wet van 15 Mei 1903.) Het ongeval moet zijne oorzaak hebben in de uitoefening der visscherij of verband houden met de omstandigheden, waaronder de visscherij wordt uitgeoefend. Ook strekt de verzekering zich uit over ongevallen, den visscher overkomen bij vrijwillige poging om menschen op zee te redden, en tot ongevallen, welke voorvallen bij het gebruik maken van visschersvaartuigen zonder dat de eigenlijke visscherij wordt uitgeoefend. Indien het ongeval den dood tengevolge heeft zijn de nagelaten betrekkingen van den visscher onder dezelfde voorwaarden verzekerd.
Van de verzekering zijn uitgesloten de ongevallen die de visscher zelf opzettelijk of door grove onachtzaamheid heeft veroorzaakt .
Middelen tot dekking. De verzekerde draagt, zooals boven is gezegd, jaarlijks 5 Kronen (f3,30) bij. Indien een visscher, in dienst van een ondernemer, die de visscherij uitoefent zonder er persoonlijk deel aan te nemen, tegen loon werkzaam is in de onderneming van dien werkgever en hij gebruik heeft gemaakt van de bevoegdheid om zich te verzeker^, heeft hij het recht van zijn werkgever de geheele of gedeeltelijke betaling te eischen van de bijdrage, die hij aan de Verzekeringsbank moet betalen, zonder dat de werkgever dit bedrag op het loon van den visscher mag inhouden. I.
27
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's