Sociale hervormingen - pagina 48
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
"
38
Vandaar dat hij zich heeft vereenigd tot het vormen van vaken andere bonden om zijne kracht te verhonderdvoudigen en er eindelijk toe komt de vereeniging ook toe te passen op het arbeidscontract. Zich ten volle bewust is hij thans, dat, hetgeen voor hem op het veld van den arbeid onbereikbaar is als individu, hem als het ware zonder moeite in den schoot moet vallen, wanneer hij optreedt in krachtige, goed georganiseerde vereeniging met anderen. En waar dit bewustzijn leeft bij honderdduizenden, zich openbarende in den werkdadigen wil om het geschetste ideaal te verwezenlijken, kan die verwezenlijking zelve op den duur niet
uitblijven.
De vraag
zou derhalve kunnen worden gesteld of de wetgever tot eene regeling der arbeidsovereenkomst en bij het volbrengen dier taak noodzakelijk heeft te letten op de teekenen der tijden, en met hetgeen deze hem leeren zijn voordeel heeft te doen, niet ook in die regeling, naast de individueele y behoort op te nemen de collectieve arbeidsovereenkomst. De Regeering is gekomen tot eene ontkennende beantwoording dezer vraag. Niet omdat ook zij zou behooren tot die „esprits craintifs", die het noodig zou zijn „de faire sortir de la prudente réserve, dans laquelle ils se maintiennent sur Ie terrain économique. Immers zij acht het gezamenlijk en vereenigd optreden van de zwakkeren in den economischen strijd onzer dagen niet alleen verklaarbaar en natuurlijk, maar ook geboden door een geoorloofd en gezond begrip van eigenbelang; zij is van oordeel, dat zoodanig optreden der arbeiders op het terrein van den arbeid in het algemeen en van het arbeidscontract in het bijzonder op zich zelf een verschijnsel is, dat uit een oogpunt van zedelijkheid en algemeen belang met vreugde mag worden begroet en dat, mits zoodanig optreden aan de waarde en de verantwoordelijkheid der individueele persoonlijkheid niet te kort doe, daarin een zegen mag worden gezien voor de geheele maatschappij. Gansch andere motieven hebben haar gebracht tot die ontkennende beantwoording. Vooreerst de overweging, dat de vraag er eene is van practischen, niet van bloot theoretischen aard en dus, in verband met de omstandigheden van tijd, plaats en andere, behoort te worden beslist. Nu behoeft het, gelijk hierboven reeds met een enkel woord werd aangegeven, wel geen betoog, dat eerst daar van eene werkelijke, meer dan ephemerische en toevallige toepassing van het collectief arbeidscontract sprake kan zijn, waar het vereenigingswezen, meer in het bijzonder het vakvereenigingswezen, een vast georganiseerden vorm heeft aangenomen en een trap van hooge ontwikkeling heeft bereikt. Men zou overdrijven en der waarheid geweld aandoen, zoo men beweerde, dat het vakvereenigingswezen reeds thans in Nederland deze kenmerken vertoont. die
zich
zet
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's