Sociale hervormingen - pagina 124
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I.
114
merman
in die gemeente invaliditeitsrente, dan zal een onderzoek moeten worden ingesteld naar zijne bekwaamheden als timmerman en naar de gewone verdiensten in die gemeente van valide timmerlieden van gelijke bekwaamheden; het resultaat kan dan zijn, dat hij niet als invalide moet worden beschouwd, al kan hij minder dan ^/a van 400 gulden verdienden, maar ook dat hij als invalide moet worden beschouwd, terwijl hij meer dan Va van 600 gulden kan verdienen. De loonklasse, waarin de werkman stort, is evenmin van invloed als de loonklasse, waartoe hij behoort. De verzekerde, wiens loon de grens in art. gesteld overschrijdt (tweede lid art. i), kan i
desverkiezende in de laagste loonklasse storten (art. 77), terwijl hij misschien een loon geniet van 3600 gulden. Geraakt hij door kiekte blijvend buiten staat om met arbeid 1000 gulden per jaar te verdienen, dan zal hij aanspraak kunnen hebben op invaliditeitsrente. Of hij in de iste of in de 5 de klasse stortte is van invloed op het bedrag der rente, die hem eventueel zal worden toegekend, maar is onverschillig waar beslist moet worden of hij aanspraak op invahditeitsrente heeft. Dat het doel der verplichte verzekering niet is personen, die nog in staat zijn 1000 gulden en meer met arbeid te verdienen, een rente toe te kennen wegens invaliditeit, is juist, maar de mogelijkheid dat in dergelijk geval rente zal moeten worden toegekend, is een noodzakelijk gevolg van het tweede lid van art. i Door te bepalen dat een verzekerde .
van het ontwerp wordt beschouwd, zoolang hij met arbeid als omschreven in het tweede lid van art. 9 een bedrag van bijv. 400 gulden per jaar kan verdienen, zouden de voorwaarden der verzekering ongunstiger worden voor de hooger beloonde werklieden. Is het echter, zooals in § 6 van de Algemeene beschouwingen is aangetoond, niet gerechtvaardigd de verzekering te verbreken omdat het loon hooger dan 1000 gulden wordt, dan is er ook geen reden om, zonder noodzakelijkheid, de voorwaarden in voor den verzekerde ongunstigen zin te wijzigen. Het risico voor het fonds wordt niet grooter, eerder het tegendeel; naarmate het inkomen hooger wordt, worden in den regel de omstandigheden waaronder de verzekerde leeft gunstiger en vermindert dus het gevaar voor invaliditeit. Het tweede, in verband met het laatste lid van art. 9, levert
niet
als
invalide in
den
zin
een maatstaf ter beslissing of de werkman, 'die zich verzekeren wil of die invaliditeitsrente vraagt, invalide is. werkman te zijn moet de betrokkene werkzaam zijn of geweest zijn op de wijze omschreven in het eerste lid van art. i. Onder „gemeente" in het tweede lid van art. 9 wordt verstaan een ifi Nederland gelegen gemeente, maar
in alle gevallen, die zich zullen voordoen,
Om
de betrokkene
Onder
art.
i
zal in
zijn of geweest zijn. die in Nederland werkzaam
Nederland werkzaam
eerste lid valt alleen
hij,
Art. 1 1 verklaart de bepaling van art. i van toepassing a. op schepelingen, al of niet in Nederland wonende, buiten Nederland is.
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's