Sociale hervormingen - pagina 480
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
536 Eindelijk wordt veelal bij de zieken- en ondersteuningsfondsen tengevolge van het ontbreken van eene voldoende reservekas de waarborg gemist, dat het fonds ook in geval van eene ernstige epidemie aan zijne verplichtingen zal kunnen blijven voldoen. Het komt den ondergeteekende voor, dat als gevolg van een en ander de meening vrij wel algemeen is geworden, dat de verzekering tegen geldelijke gevolgen van ziekte voor zooveel noodig bij de wet moet worden voorgeschreven en geregeld. Een feit is het althans dat, zoowel bij de schriftelijke als bij de mondelinge behandeling van het wetsontwerp betreffende de Ongevallenverzekering in de beide Kamers der Staten-Generaal door alle partijen als vaststaand is aangenomen, dat een wetsontwerp betreifende de ziekteverzekering zoo spoedig mogelijk moest
worden ingediend.
Van den In
beginsel
zou
verzekeringsplicht.
zeker de verplichting tot verzekering zich alle personen beneden zekeren financieelen
moeten uitstrekken over
standaard. In het ontwerp strekt de bedoelde verplichting zich alleen uit tot de zoogenaamde vaste werklieden. De reden van die beperking is
de navolgende:
De
verplichting tot verzekering komt in hoofdzaak neer op de verplichting om de voor de verzekering vereischte premie te betalen. Die premie moet desnoods tegen den wil van den verzekerde kunnen worden ingevorderd. De invordering van den verzekerde zelven zou in de praktijk ongetwijfeld op onoverkomelijke bezwaren stuiten. De inning van de premie behoort dus op andere wijze te geschieden. Bij degenen, die in vasten loondienst zijn, kan zij zonder bezwaar plaats hebben door tusschenkomst van den werkgever, die het voor den werkman betaalde bedrag van het loon kan inhouden. Deze wijze van invordering is als aangewezen, te meer omdat, gelijk hieronder zal worden uiteengezet, er alleszins termen zijn om den werkgever zelven een deel van de premie te doen dragen en deze bij de voldoening zijner bijdrage tevens de bijdrage van den werkman kan storten. Wat de zoogenaamde losse werklieden betreft, schijnt eene invordering van de premie door tusschenkomst van den werkgever ondoenlijk, omdat de persoon van dezen te zeer wisselt en het in loondienst zijn van den lossen werkman te ongeregeld is. Omdat ten aanzien van de losse werklieden de invordering der premie op geen doelmatige wijze schijnt te kunnen worden
geregeld, is het wenschelijk voorgekomen deze werklieden buiten de verplichte verzekering te laten en hen alleen de gelegenheid Amsterdam, ingevolge opdracht van de afdeeling Amsterdam, van de Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der geneeskunst in 1900 door eene commissie van onderzoek ingediend.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's