Sociale hervormingen - pagina 555
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
;
6n Artikel 76.
De werkgever, die is toegelaten tot het dragen van het in 74 bedoelde risico, is verplicht:
art.
i. vóór of op door het bestuur der Rijksverzekeringsbank te bepalen vervaldagen, door middel van storting ten kantore der posterijen zijner woonplaats te betalen zijn, door het bestuur hem opgegeven aandeel in de administratiekosten en in de terugbetaling' van het voorschot bedoeld in artikel 100;
vóór of op den door het bestuur der Rijksverzekeringsbepalen dag, door middel van storting ten kantore der posterijen zijner woonplaats te betalen het bedrag der schadeloosstellingen, voor zoover die niet in renten bestaan, alsmede de termijnen van voorloopige renten, door de Rijksverzekeringsbank uitbetaald ter zake van een ongeval, dat hemzelf of een werkman, voor zijn risico verzekerd, heeft getroffen; 2
.
bank
te
zoodra eenige rente ter zake van een ongeval, als onder 2 3 bedoeld, anders dan voorloopig is vastgesteld, vóór of op den door het bestuur der Rijksverzekeringsbank te bepalen dag, door middel van storting ten kantore der posterijen zijner woonplaats, te betalen de door het bestuur hem opgegeven contante waarde van die rente, berekend tegen den interest, welken de Rijksverzekeringsbank in het laatst verloopen kalenderjaar gemiddeld .
van hare fondsen gemaakt heeft. Het laatste lid van artikel 69 is van toepassing. Artikel 77.
Eene naamlooze vennootschap of vereeniging, waarop een bedoeld in artikel
als
74, is
overgedragen,
is
risico,
verplicht:
i. vóór of op door het bestuur der Rijksverzekeringsbank te bepalen vervaldagen, door middel van storting ter plaatse, door het bestuur aan te wijzen, te betalen haar, door het bestuur haar opgegeven, aandeel in de administratiekosten en in de terugbetaling van het voorschot bedoeld in artikel 100;
vóór of op den door het bestuur der Rijksverzekeringsbepalen dag door middel van storting ter plaatse, door het bestuur aan te wijzen, te betalen het bedrag der schadeloosstellingen en der in artikel 25 der Ongevallenwet 1901 bedoelde afkoopsom, door de Rijksverzekeringsbank uitbetaald ter zake van ongevallen, overkomen aan werklieden en aan werkgevers, die voor risico van de vennootschap of vereeniging waren verzekerd 2
.
bank
te
3. zoodra eenige rente ter zake van een ongeval, als onder 2 bedoeld, anders dan voorloopig is vastgesteld, vóór of op den door het bestuur der Rijksverzekeringsbank te bepalen dag, ter plaatse, door het bestuur aan te wijzen, ter verzekering van de nakoming der op haar ten aanzien dier rente rustende verplich-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's