Sociale hervormingen - pagina 121
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
II
die elders afzonderlijk in de wet zijn opgenomen of door de schrijvers worden aangewezen, doch die in eene algemeene regeling moeilijk eene bepaalde formuleering kunnen vinden bijv. de verplichting des arbeiders, den werkgever verslag te doen over al hetgeen hij bij de vervulling der dienstbetrekking heeft ;
waargenomen
enz.
Evenals in verscheidene wetten en ontwerpen (zie bijv. Burg. Wetb. van Saksen, § 1232; Zwitsersch Verbintenissenrecht, art. 330; Duitsch. Burg. Wetb., § 613 Ontwerp 1820 art. 2649, 2650), is bepaald, dat in het algemeen de arbeider zelf den bedongen arbeid moet verrichten (art. 1639 a >) ;
Art. 1639.
Voor zoover het
in
eene algemeene regeling moge-
omschrijft dit artikel aard en omvang van den door den arbeider te verrichten arbeid. Niet de willekeur van den werkgever mag in dit opzicht beslissend zijn, maar in de eerste plaats hetgeen in de overeenkomst of in het reglement is bepaald en bij gebreke daarvan hetgeen het gebruik meebrengt. Voor de ont-
lijk
is
wikkeling en
aanwijzing van dat
gebruik kunnen alweder de
Kamers van Arbeid de
belangrijke diensten bewijzen. Overigens schijnt redactie van het artikel nadere toelichting niet te behoeven.
Art. 16393. Deze bepaling is vooral ontleend aan de verschillende Belgische ontwerpen (vergel. art. 7 der wet van 10 Maart 1900.) In verband met de opvatting in het ontwerp omtrent het rechtskarakter van het reglement gehuldigd, is het tweede lid van dit artikel van het ontwerp van 1901 vervallen en is in het overgebleven lid eene plaats ingeruimd voor de woorden „van reglement." Art. 1639*;. Vergel. art. 39, lid 2, ontw.-DRUCKER. Buitenlandsche speciale wetten geven op dit punt uitvoerige voorschriften hier behoort alleen het beginsel te worden uitgesproken. ;
Art. 1639*/.
Zie de toelichting op art.
1638 w.
Zesde Afdeeling.
Van de
verschillende wijzen waarop de dienstbetrekking arbeidsovereenkomst ontstaan, eindigt.
,
door
Wat het eindigen der dienstbetrekking betreft moeten verschillende soorten van gevallen worden onderscheiden: A.
De
niet strijdt 1.
Het
nemen,
is
gevallen,
waarin de opheffing der dienstbetrekking bij de overeenkomst is bepaald:
met hetgeen
tijdstip, waarop de dienstbetrekking een einde zal reeds ten tijde van het sluiten der overeenkomst aan te wijzen, doordat het, hetzij bij overeenkomst of reglement, hetzij bij wet of verordening, is bepaald, hetzij door plaatselijk gebruik
vaststaat
(artt.
1639^ en 1639/)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's