Sociale hervormingen - pagina 295
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
35i
De ondergeteekende kan
zich alleszins vereenigen eene bepaling als de hier voorhet belang der rechtszekerheid noodig oordeelden.
Art. 1639/"
met het betoog der gestelde in
leden,
die
Art. 1639//. Het artikel is thans in dien zin aangevuld, dat gebreke van eenige aanwijzing door overeenkomst of reglement, of zelfs door het gebruik, de opzegging tegen eiken dag zal kunnen geschieden. Een kalenderkwartaal komt den ondergeteekende te lang voor; wanneer de aanvang van een kalenderkwartaal eerst kort geleden verstreken is, verliest een korte opzeggingstermijn alle beteekenis, indien bijna drie maanden verstrijken moeten eer de dag, tegen welken de opzegging geschieden mag, zal zijn aangebroken.
bij
Na kennisneming van hetgeen ten Artt. 16392 en 1639/. aanzien van art. 1639/ in het Voorloopig Verslag is aangevoerd, heeft de ondergeteekende gemeend tot de schrapping van deze bepaling te moeten overgaan. Hoewel hij zich mitsdien ontslagen mag rekenen van de verplichting alle argumenten, voor en tegen het behoud van de daarin vervatte regeling aangevoerd, te bespreken, kan hij niet nalaten met een enkel woord kenbaar te maken, dat hij het betreurt, met het oog op het duidelijk uitgesproken gevoelen der Tweede Kamer, in verband met zijne opvatting van het „gemeenschappelijk overleg", tot de intrekking van deze bepaling te hebben moeten besluiten. Niet dat hij zoude ontkennen, dat sommige, grootere of kleinere, belangen door een zoodanig wetsvoorschrift zich eenigermate geschaad zouden kunnen achten; maar hij had gehoopt, dat de practische verwezenlijking van het beginsel, aan eene dergelijke bepaling ten grondslag liggende, wel over en weer eenige zij het ook belangrijke opoffering waardig zoude zijn gekeurd. Immers, het wil hem voorkomen, dat de bepaling uiting gaf aan eene hoogere gedachte, dan die, welke wordt geïnspireerd door de overweging van de verschillende, niet zelden zelfs tegenstrijdige, belangen, waarmede een dergelijk voorschrift wellicht te eeniger tijd in botsing zoude hebben kunnen komen. De bepaling toch, zooals zij was voorgedragen, had niet op het oog het klassebelang noch van den arbeider noch van den werkgever, maar het algemeen belang der maatschappij. Door den band tusschen werkgever en arbeider nauwer toe te halen naarmate de verhouding tusschen beiden duurzamer was geworden, zou ja, nu en dan een bijzonder of ook wel eens een zelfs voornaam klassebelang schade hebben kunnen beloopen, maar ware daarentegen ongetwijfeld het hoogere algemeen belang der maatschappij toch altijd grootelijks gebaat. Dat de meerderheid van de leden der Kamer blijkbaar niet dit inzicht van den ondergeteekende heeft gedeeld, heeft hem in niet geringe mate teleurgesteld en leed gedaan.
—
—
'
—
—
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's