Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Sociale hervormingen - pagina 456

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Sociale hervormingen - pagina 456

voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel III.

2 minuten leestijd

444

en, krachAri. 319. De in deze bepaling aan den Minister de woorden „of namens", ook aan lagere ambtenaren verleende bevoegdheid om voor een niet nader omschreven tijd den in afwijking van de bepaling van art. 311 bij algemeenen maatregel van bestuur vastgestelden arbeidsduur van meer dan 1 1 uren nog voor onbepaalden tijd te verlengen, kwam aan sommige leden buitensporig voor. Met betrekking tot de „bijzondere omstandigheden" welke tot gebruikmaking van deze uitgebreide bevoegdheid aanleiding kunnen geven, werd verwezen naar hetgeen omtrent die uitdrukking bij art. 290 werd opgemerkt.

tens

.

Art. 322. Ook deze bepaling gaat, naar veler oordeel, te ver. vroeg zich af, hoe het practisch mogelijk zal zijn te controleeren, of niet wellicht voor meer dan 20 dagen in een kalenderjaar door het hoofd of den bestuurder van de hem toegekende bevoegdheid wordt gebruik gemaakt. Sommige leden waren van oordeel, dat die bevoegdheid in elk geval niet in het algemeen mag worden verleend, maar dat de bedrijven waarvoor zij noodig wordt geacht in de wet moeten

Men

worden genoemd.

Artt. 325 329. Verscheidene leden opperden tegen deze bepalingen ernstige bedenking. Bij sommigen vond die bedenking haren grond in de overtuiging, dat door de in art. 325 in beginsel aangenomen bedrijfsrust zonder eenige noodzaak krachtig wordt ingegrepen in de oeconomie van industrieele ondernemingen. De wensch der Regeering, aan een groot aantal arbeiders eene behoorlijke nachtrust te waarborgen, kan, zooals duidelijk blijkt uit hetgeen de Memorie van Toelichting met betrekking tot art. 326 mededeelt zeer goed worden verwezenlijkt zonder dat de nijverheid zoozeer wordt aan banden gelegd. Andere leden maakten er juist der Regeering eene grief van, dat zij een zóó groot aantal uitzonderingen stelt of mogelijk maakt, dat van het in art. 325 neergelegde, door hen toegejuichte beginsel metterdaad weinig overblijft.

Art. 326. De opmerking werd gemaakt, dat dit artikel zeer aan duidelijkheid zou winnen, indien de daarin bedoelde (categorieën van ?) fabrieken en werkplaatsen met name werden genoemd. Men wenschte te vernemen, wat de Regeering bedoelt met de onder 7 gestelde omschrijving. Die omschrijving kwam ook voor in art. 269 van het voor-ontwerp, maar daarin ontbraken de thans 6 opgenomen omschrijvingen. Heeft aan deze toevoeging onder i de wensch naar beperking ten grondslag gelegen, dan lag het, meende men, voor de hand, dat n". 7 thans behoort te vervallen. De bepaling onder 7 toch kan moeilijk anders worden beschouwd

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905

Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's

Sociale hervormingen - pagina 456

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905

Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's