Sociale hervormingen - pagina 88
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I.
7^
en
al
werkt
uitsluitend voor personen in Nederland. Voor zoois zie art. 1 1 vallen onder het eerste allen, maar ook tiitshiMcnd zij, die in N^edcrland
hij
—
ver niet anders bepaald lid
van
art.
i
—
werkzaam zijn. De verzekerde, die ophoudt in Nederland werkzaam te zijn, hetzij omdat hij niet meer werkzaam is, hetzij omdat niet meer in Nederland werkzaam is, blijft echter krachtens hij het tweede lid van art. i verzekerd, totdat hij verklaart de verzekering als vervallen te beschouwen. Ieder, die tegen loon werkzaam is, is verplicht zich bij de Bank te verzekeren, indien zijn loon beneden de gestelde grens blijft, mits hij werkzaam is in een onderneming, in een inrichting of in een dienstbetrekking. Hij die aan een inrichting bijv. van onderwijs werkzaam is, is in die inrichting werkzaam het woord in. wordt hier, evenmin als ten aanzien van het woord onderneming, in letterlijken zin gebruikt. Onder het artikel valt niet de dochter, die in het gezin werk2aam is zij is niet werkzaam in een onderneming of in een inrichting noch in een dienstbetrekking. Is zij echter werkzaam in de onderneming van een der ouders, bijv. een winkel of een boerderij, dan gelden de gewone regelen en is zij verzekeringsplichtig, tenzij haar loon meer dan looo gulden bedraagt. De leeftijd, waarop de verpUchting om zich te verzekeren aanvangt, is in navolging van de Duitsche wet (i) en in overeenstemming met het gevoelen der Staatscommissie (2) bepaald op 16 jaren. Een ondei'neming verschilt hierin van een inrichting, dat zij althans gedeeltelijk ten behoeve van anderen werkt en dat zij tevens geldelijk voordeel beoogt beide voorwaarden moeten aanwezig zijn voor het bestaan van een onderneming. Een weeshuis, een inrichting van onderwijs is geen onderneming, ook niet indien de verpleging of het onderwijs niet kosteloos is, mits geen geldelijk voordeel beoogd wordt. Evenmin is een onderlinge winkelvereeniging een onderneming, indien uitsluitend aan de deelhebbers in de vereeniging waren worden geleverd. Met een Rijksof gemeentelijke werkplaats of fabriek wordt in den regel geldelijk voordeel beoogd; niettemin zal zij niet kunnen worden aangemerkt als een onderneming, indien daarin geen werk verricht wordt ten behoeve van anderen dan het Rijk of de betrokken gemeente. Betreft het personen, die in dienstbetrekking zijn, dan is het onverschillig of zij in een onderneming, in een inrichting of in geen van beiden werkzaam zijn, omdat ieder, die in een dienstbetrekking tegen loon van niet meer dan 1000 gulden per jaar werkzaam is, onder het artikel valt. Er kunnen zich echter gevallen voordoen, dat personen tegen loon werkzaam zijn, niet ;
:
;
in een
onderneming maar
in
(i) § I wet 1889 en § i wet 1899. (2) Verslag Staatse, bladz. 55. Zie
Greven, opfTcnomen onder de
een inrichting, zonder
ook
art.
i
in
een dienst-
van de schets van den hoogleeraar
bijlagen van het verslag, blad/. 315.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's