Sociale hervormingen - pagina 97
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I.
87
het
personen
aantal
vangen, aantal
in
Nederland, die geen loon in geld ontvan ondergeteekenden, maar dat het
zijn niet in het bezit
ook
in
Nederland
niet
onbeduidend
zal zijn, lijdt
geen
Niet alleen in den landbouw, maar ook in de nijverheid in engeren zin en in den handel komen dergelijke verhoudingen twijfel.
voor.
Het behoeft geen betoog, dat kinderen en andere huisgenooom wegens werkzaamheden in de onderneming van het hoofd van het gezin als verzekeringsplichtig te worden aangeten,
merkt, gedurende eenigen tijd geregeld werkzaan moeten zijn in die onderneming. De dochter van den winkelier, die een enkelen keer, als vader of moeder verhinderd is, de klanten bedient, wordt daardoor niet verzekeringsplichtig. Anders, indien zij geregeld werkzaam zou zijn, al ware het slechts gedurende een gedeelte van het jaar, in tijden bijv. waarin het bijzonder druk is: zij zou dan onder het eerste lid van art. i vallen. Wordt het loon gedeeltelijk in verstrekkingen in natura betaald, dan gelden de gewone bepalingen: bedraagt het totale bedrag, de waarde der verstrekkingen in natura geschat volgens het tweede lid, meer dan looo gulden, dan valt de betrokkene niet onder art. i en is dus geen werkman in den zin dezer wet (art. Bestaat echter het loon geheel in verstrekkingen in natura, 5) et of zonder huisvesting, dan is schatting niet noodig het loon wordt dan geacht niet meer dan 1000 gulden te bedragen. De fictie der wet zal wel steeds met de werkelijkheid overeen-
m
;
komen.
Het
geval, dat het drijven eener onderneming door den eigeaan een ander wordt opgedragen tegen genot uitsluitend van een deel der vruchten in natura, valt niet onder het eerste lid van art. i. Er is dan een overeenkomst, in onze wetgeving onder geen bijzondere benaming bekend, maar loon wordt niet
naar
genoten. 3. De berekening van de middelsom van het inkomen is noodig, indien het onzeker is of het loon per jaar het bedrag van 1000 gulden overschrijdt. Zie de toelichting van art. 2. Zijn wisselvallige inkomsten over een korteren termijn dan een jaar niet: kalenderjaar genoten, dan zou het gemiddelde in veel gevallen geen juisten maatstaf voor het inkomen over een jaar geven aandeelen in de winst bijv. worden in den regel na het einde van het boekjaar vastgesteld en uitgekeerd. Schatting van de inkomsten door den aan te wijzen anbtenaar of commissie is daarom in dat geval verplichtend de schatting geldt echter slechts, zoolang het bedrag van het loon niet vaststaat en ook niet volgens litt. a van art. 3 kan worden bepaald. Zij vervalt dus zoodra de wisselvallige inkomsten over een vol jaar genoten zijn of zooveel vroeger als het wisselvallige loon door vast loon vervangen wordt. De tijd vóór de inwerkingtreding van art, i
Art.
alleen
—
—
;
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's