Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Sociale hervormingen - pagina 58

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Sociale hervormingen - pagina 58

voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I. Stuk II.

2 minuten leestijd

320 Hieruit blijkt dus, dat de verhouding tusschen het aantal ongevallen met doodelijken afloop en dat met voortdurende ongeschiktheid in de meest gevaarlijke landbedrijven een geheel andere is dan die in de zeebedrijven.

de ongevallen met doodelijken afloop, welke het zeezwaarste drukken, te meer waar men veilig kan aannemen, dat ten minste de helft der bemanning van een zeevisschersvaartuig gehuwd is (i). En dat die druk niet gering is bewijzen de visschersfondsen, welke men in enkele visschersplaatsen aantreft. Volgens het Verslag van den Staat der Nederlandsche Zeevisscherijen over 1902 (blz. 49) bestaan dergelijke fondsen te Vlaardingen, Maassluis, Scheveningen, Leiden (voor Katwijk en Noordwijk), Katwijk, Middelharnis, Zwartewaal en Pernis, terwijl twee bijzondere fondsen naar aanleiding van enkele groote zeerampen zijn gesticht voor nagelaten betrekkingen van bij die zeerampen omgekomen visschers te Paesens en Moddergat en te Wierum. Zonder eenigszins het nut dezer fondsen, welke zeer veel hebben bijgedragen en nog bijdragen tot leniging van den nood van nagelaten betrekkingen van verongelukte visschers, te willen verkleinen, komt het den ondergeteekenden echter voor, dat deze fondsen niet voldoende voorzien in de financieele gevolgen van ongevallen. Immers de meeste fondsen keeren alleen uit aan de nagelaten betrekkingen van verdronken visschers, die woonden op de plaats waar hun vaartuig thuis behoort of behoorde. De van elders komende visschers deelen niet, of zelden, in de voorof slechts bij deden. Bovendien voorzien deze fondsen niet uitzondering in het geval van tijdelijke of voortdurende ongeschiktheid tot werken en eindelijk wordt slechts een gedeelte der visschersbevolking door deze fondsen gebaat, vermits ze niet

Het

zijn

visschersbedrijf het

in alle visschersplaatsen bestaan.

Dat deze fondsen in geen geval aan den zeevisscher of zijne nagelaten betrekkingen geven wat de Ongevallenwet 1901 aan de werklieden in andere bedrijven toekent, behoeft geen betoog. Ook de bepalingen onzer bestaande wetten geven den Noordzee vissch er geen voldoende waarborgen, dat hij in geval van een bedrijfsongeval behoorlijk, d. w. z. in den geest der Ongevallenwet 1901, wordt schadeloos gesteld. De wetten, waaraan een zeevisscher hier te lande zijne aanspraken op schadeloosstelling ingeval van een bedrijfsongeval kan ontleenen, zijn het Burgerlijk Wetboek (art. 1401 en volg.), het Wetboek van Koophandel (art. 423 en volg.) en de Ongevallenwet 1901. Aangezien, zooals boven is gezegd, de Ongevallenwet 1901

(i) Het aantal ongevallen met doodelijken afloop bedroeg in de jaren 1886 1901 683. Deze 683 omgekomen visschers hebben nagelaten 311 weduwen en 793 kinderen, zoodat op elk doodelijk ongeval 0.45 weduwe en i.i kind komt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905

Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's

Sociale hervormingen - pagina 58

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905

Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's