Sociale hervormingen - pagina 90
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I.
8o
van verschil kan de betrokkene, indien
hij van oordeel is dat het bestuur der Bank ten onrechte meent, dat hij wèl of dat hij 7iict in een dienstbetrekking werkzaam is, de zaak voor den administratieven rechter brengen. Wordt een strafvervolging ingesteld wegens overtreding van art. ii6 of van art. 120, dan is de strafrechter niet gebonden door de beslissing van den administratieven rechter, dat de beklaagde verzekeringsplichtig is oordeelt de strafrechter, dat de administratieve rechter ten onrechte heeft beslist dat de beklaagde onder art. i valt, dan wordt deze niet veroordeeld. Uit het voorgaande blijkt waarom het eerste lid niet volstaan kan met te zeggen „tegen loon van niet meer dan 1000 gulden per jaar". De geneesheer, de advocaat en anderen, die niet aan de verplichte verzekering behoeven en dus niet behooren te worden onderworpen, zouden anders onder het artikel vallen. Hij, die niet ingevolge art. i dezer wet verzekerd is, behoort niet verzekeringsplichtig te worden door verplicht of onverplicht is hij reeds verzekerd, dan is het in militairen dienst te treden tweede lid van art. i van toepassing. De woorden „daaronder niet begrepen een militaire dienstbetrekking" zijn noodig met het oog op hen, die onverplicht dienen de milicien zou ook zonder die woorden niet onder art. i vallen, omdat hij niet geacht kan worden tegen loon werkzaam te zijn. Zie verder de artt. 82 en 83. Art. I bepaalt in overeenstemming met considerans en intitulé, dat de onder dat artikel vallende personen „verplicht zijn zich en hunne weduwen te verzekeren", niet: dat zij „verzekerd worden" (i) of dat zij „uitkracht van de wet zullen zijn verzekerd" (2). Ook de redactie van art. i der Ongevallenwet 1901 kon in casu niet gevolgd worden. De verzekering van een werkman in een der in laatstgenoemd artikel bedoelde bedrijven is niet afhankelijk van de naleving der voorschriften van die wet; overkomt den werkman een ongeval in verband met de uitoefening van het ;
;
;
dan heeft hij aanspraak op schadeloosstelling, ook indien werkgever in gebreke bleef de voorgeschreven opgaven te doen of de premie te betalen. Anders bij de invaliditeits- en ouderdomsverzekering. Het ontwerp legt de verplichting tot verzekering op; uit kracht der wet wordt de werkman niet verzekerd. Wel kan het bedrag der premiën, die de werkgever niet betaalde, door executie op hem worden verhaald (art. 85), maar de werkman, die niet verzekerd was, zou ook daardoor niet verzekerd, bedrijf,
zijn
worden. Is verzekering uit kracht der wet uitgesloten, dan moet de vraag gesteld worden, wie verplicht is den werkman te verzeke(i) Art. I van de aangehaalde schets van den hoogleeraar van de Duitsche wetten van 1889 en 1899. {2) Verslag Staatse, bladz. 82.
Greven;
zie
ook §
i
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's