Sociale hervormingen - pagina 54
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
44 rechtspraak kwamen dergelijke overeenkomsten een en andermaal ter sprake. Het verschil betrof dan óf de verplichting tot betaling van loon, welke werd betwist, óf de mate van aansprakelijkheid, die bij zoodanig contract mocht gevergd worden. Ook zonder speciale wetsbepalingen heeft men zich zeer wel weten te redden. Doch al mocht er eenige moeilijkheid rijzen, hier gelden niet die klemmende redenen voor wettelijke behandeling, welke ten aanzien der arbeidsovereenkomst hierboven werden ontwikkeld hier staan geene groote maatschappelijke belangen op het spel. ;
Het karakteristieke onderscheid tusschen de arbeidsovereenkomst en het koopcontract openbaart zich in het verschil tusschen de praestatie van den verkooper en die van den arbeider. de praestatie des arbeiders steeds arbeid is, is de praestatie des verkoopers dat nooit. Arbeid kan nimmer het object zijn van een koopcontract. De arbeidsovereenkomst kan nimmer onder het begrip koopcontract worden ondergebracht evenmin als omgekeerd de koopovereenkomst onder het begrip arbeidscontract. Daarbij voegt zich dit tweede punt van verschil, dat, terwijl de verkooper een vermogensbestanddeel verliest, zulks met den arbeider nimmer het geval is. Terwijl namelijk
—
Van de overeenkomst van huur en verhuur het behoeft, na het hierboven gezegde, nauwelijks nog te worden vermeld
—
arbeidsovereenkomst zich in de eerste plaats onderscheiden, doordat bij de eerste een bestanddeel van het vermogen van den verhuurder buiten diens gebruik geraakt, hetgeen niet het geval is met den arbeider. De arbeidskracht toch is onafscheidbaar van den persoon zelf. De verhuurder, die zijn vermogensbestanddeel wel afscheidt, heeft diensvolgens slechts den negatieven plicht om te laten (nl. het afgescheidene te laten gebruiken door den huurder), de arbeider, die zijn arbeidskracht aan zich houdt, daarentegen den positieven plicht om te doen (nl. die arbeidskracht ten behoeve des werkgevers aan te wenden). laat de
Nog
één
punt
eischt
in dit
verband de aandacht.
De
in het
Ontwerp gekozen omschrijving zal bevorderlijk zijn aan eene juiste oplossing van de vraag, welke de verhouding is tusschen arbeidscontract en de overeenkomst van lastgeving. Voorbreekt het Ontwerp geheel met de beschouwing, van de Romeinen afkomstig en door velen nog tot den huidigen dag gevolgd, als zoude het verrichten van hooger gewaardeerden arbeid niet vallen onder de arbeidsinzonderheid intellectueelen het
eerst
—
—
overeenkomst, maar behooren tot lastgeving. De laatstgenoemde overeenkomst wordt nu tot haar eigen terrein teruggedrongen i). i)
bladz.
Zie Diephuis, Ned. 5
—
6.
Burg. Regt, Dl. XII (1889),
bladz. 312, Dl.
XIII (1890),
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's