Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Sociale hervormingen - pagina 106

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Sociale hervormingen - pagina 106

voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I.

3 minuten leestijd

;

n

96

loonarbeider weinig of geen bezwaar op, omdat het hoogst zelden voorkomen, dat een persoon, die voor loon van niet meer dan looo gulden per jaar werkt, daarmede aanvangt na het bereiken

zal

van den leeftijd van 35 jaren. Ondergeteekenden erkennen, dat door de voorgestelde bepaling' een enkelen keer een persoon niet zal worden verzekerd, terwijl opneming in de verzekering wenschelijk en niet onbillijk zou zijn.

maar het aantal personen, die zonder een uitsluitingsleeftijd, in strijd met de billijkheid tegen een veel te lage premie tot de verzekering zouden worden toegelaten, zou zeer veel grooter zijn. Misbruiken zouden niet te keeren zijn. De wetgever zou, door personen op gevorderden leeftijd toe te laten, de loonarbeiders dwingen om deelhebbers te worden van een fonds waaraan ook personen konden deelnemen tegen betaling van '/z of van ^3 van hetgeen hun verzekering kostte.

Overwogen is geen uitsluitingsleeftijd te bepalen, maar bij toetreding op den leeftijd van 35 jaren of hooger den wachttijd aanmerkelijk te verlengen. Dit verdient echter geen aanbeveling. De wachttijd zou, wilde men het fonds voor groote schade vrijwaren, zeer lang moeten zijn en een gedwongen verzekering onder zulke bezwarende voorwaarden is niet wenschelijk. Zie voor het overgangstijdperk art. 107. Art. 9, eerste lid. Is invaliditeit een beletsel voor den werkman verzekerd te worden, zij belet niet het voortzetten der verzekering. De redactie van het eerste lid van art. 9 stelt dit buiten twijfel. „De werkman, die invalide is en niet uit eigen hoofde ingevolge artikel i dezer zvet is verzekerd, is ... niet verzekeringsplichtig' is hij ingevolge art. i dezer wet {7tiet krachtens art. 12: zie de toelichting van dat artikel) uit eigen hoofde verzekerd, dan is hij dus wel verzekeringsplichtig. In Duitschland is dit punt anders geregeld: § 5, vierde lid van de wet van 1899. Invaliditeit in den zin dier wet verhindert niet alleen dat de verzekeringsplicht een aanvang neemt, maar maakt ook een einde aan den verzekeringsplicht en sluit de vrijwillige voortzetting der verzekering uit. De verzekerde, die een jaar na ingang der verzekering blijvend invalide wordt in den zin der wet, kan den in validiteits wachttijd niet meer vervullen (i). De Duitsche regeling strijdt evemin als die van het ontwerp met het begrip van invaliditeitsverzekering. Dat de regeling van het ontwerp daarmede niet in strijd is, blijkt reeds hieruit dat invaliditeitsverzekering zeer goed denkbaar is zonder wachttijd. De wachttijd heeft echter in het ontwerp een andere beteekenis dan in de Duitsche wet. Beide regelingen komen hierin overeen,

om

.

(i) Zie aant.

§

117, derde

8 van

lid

voN WoEDTKE op

der wet van 1889.

§ 5 der wet van

1899, §

4,

tweede

lid

en

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905

Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's

Sociale hervormingen - pagina 106

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905

Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's