Sociale hervormingen - pagina 29
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
i9
dan geldt de langste termijn ook voor den werkgever; een langere termijn bepaald dan zes maanden, dan geldt een
arbeider, is
termijn van zes maanden.
Artikel 1639/. De termijn, in het eerste lid van het voorgaande wordt verlengd met veertien dagen voor elk vol jaar, dat op het oogenblik der opzegging de dienstbetrekking tusschen werkgever en arbeider onafgebroken heeft geduurd, met dien verstande, dat door deze verlenging de termijn in geen geval langer zal worden dan zes maanden. Elk beding, strijdig met de bepalingen van dit artikel, is nietig. artikel bedoeld,
Artikel 1639 des arbeiders.
>è.
De
dienstbetrekking
eindigt
door den dood
Artikel 1639/. De dienstbetrekking eindigt niet door den dood des werkgevers, tenzij uit de overeenkomst het tegendeel voortvloeit. Echter zijn zoowel de erfgenamen des werkgevers als de arbeider bevoegd de dienstbetrekking, voor eenen bepaalden tijd aangegaan, te doen eindigen, als ware zij aangegaan voor onbepaalden tijd.
Artikel 1639 m. Indien een proeftijd is bedongen, is gedurende tijd ieder der partijen bevoegd, door opzegging de dienstbetrekking onmiddellijk te doen eindigen. Elk beding, waarbij de proeftijd niet voor beide partijen gelijk, of wel op langer dan eene maand gesteld wordt, is nietig.
dien
Artikel 1639 n. Indien de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot eener arbeidster vermeent, dat de bij eenige arbeidsovereenkomst van haar bedongen arbeid nadeelige gevolgen zal hebben, of heeft, hetzij voor zijne vrouw zelve, hetzij voor het huisgezin, kan hij zich wenden tot den rechter van het kanton, waarin zijne woonplaats gelegen is, met het schriftelijk verzoek die arbeidsovereenkomst ontbonden te verklaren. De rechter beschikt op het verzoekschrift na verhoor of behoorlijke oproeping van de vrouw, van den werkgever en van de naaste bloedverwanten der echtelieden. De rechter willigt het verzoek niet in, indien hij de meening des mans ongegrond oordeelt, indien de man de gemeene woonplaats heeft verlaten, of door zijne misdragingen aanleiding heeft gegeven, dat de vrouw dezelve verlaten heeft, of indien de man door verkwisting of ander slecht levensgedrag het huisgezin aan
ondergang
blootstelt.
Indien de rechter het verzoek inwilligt, bepaalt hij op welk oogenblik de dienstbetrekking zal eindigen. Tegen de beschikking is, behoudens het bepaalde bij het slot van artikel 99 der wet op de rechterlijke organisatie en het beleid der justitie, geenerlei voorziening toegelaten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's