Sociale hervormingen - pagina 74
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I. Stuk II.
;,
336
met de personen, werkzaam in de kleine zeevisscherij. op andere vaste tijdstippen hun loon ontvangen zoo ook met de personen, die in dienst van een reeder uitsluitend landwerkzaamheden verrichten ten behoeve van de zeevisgeval
zijn
die wekelijks of
scherij, zij,
die
haringpakkers,
als
behulpzaam
zijn bij
nettenboetsters, scheepstimmerlieden het lossen, laden, herstellen enz. van
het zeevisschersvaartuig.
Voor den zeevisscher, werkzaam in de grootvisscherij (haringbeug- en kol-, schrobnet- of trawlvisscherij) dient eene geheel afwijkende regeling der schadeloosstellingen te worden vastgesteld, daar rekening is te houden met de eigenaardige omstandigheden, waaronder de grootvisscherij wordt uitgeoefend. Twee factoren treden hierbij op den voorgrond, In de eerste plaats worden de visscherijen, behoorende tot de grootvisscherij, gewoonlijk gedurende een bepaald gedeelte van het jaar uitgeoefend. Dit is in het bijzonder het geval met de haringvisscherij op de Noordzee, die gedurende de tweede helft van het jaar wordt uitgeoefend. De vaartuigen, die aan die haringvisscherij deelnemen, worden dikwijls in het voorjaar ook nog gebezigd in de beug- of schrobnet visscherij. In plaatsen als Middelharnis, Pernis en Zwartewaal wordt gedurende het geheele jaar de beugvisscherij uitgeoefend, maar de slechte resultaten dier visscherij in de laatste jaren, hebben tengevolge gehad, dat men aldaar, zij het ook maar voorloopig- bij wijze van proef, in den zomer en in het najaar deelneemt aan de haringvisscherij. In het algemeen kan men zeggen, dat de verschillende takken der grootvisscherij behooren tot de zoogenaamde seizoenbedrij ven, d. w. z tot de bedrijven, die slechts gedurende een bepaald gedeelte van het jaar worden uitgeoefend. Hetgeen een visscher in een bepaald seizoen verdient, moet dikwijls strekken om hem en zijn gezin voor het overige gedeelte van het jaar te onderhouden, m. a. w. zijne jaar-verdiensten
worden
dikwijls bepaald door zijne inkomsten uit de zeevisscherij ee?i. gedeelte van het jaar. Wanneer nu een dergelijke visscher, in den tijd, dat hij werkzaam is in de zeevisscherij, door een ongeval wordt getroffen, dan moet hem indien hij tijdelijk ongeschikt is tot werken eene schaddeloosstelling- worden gegeven, welke verband houdt met de verdiensten, welke hij gedurende den tijd van zijne ongeschiktheid tengevolge van het ongeval derft
gedurende
en behoort hem geene uitkeering te worden gegeven, welke berekend is naar het loon, dat hij gemiddeld per dag over een geheel jaar, zou hebben gederfd. Is bijv. het dagloon van een zeevisscher in de haringvisscherij bepaald op f i, dan wil dat jaarinkomsten uit dat bedrijf geacht worden 300 te bedragen. Die f 300 verdient hij echter niet in 300 dagen maar in 150 dagen, daar het haringseizoen op ongeveer 150 dagen kan worden gesteld. Is hij nu in dat seizoen tijdelijk ongeschikt tot werken, dan derft hij dagelijks zeggen, 300
X
dat
f
I
zijne
=
f
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's