Sociale hervormingen - pagina 199
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I.
i89
moet toch niet hooger zijn dan de rente, die den verzekerde worden toegekend, indien deze gedurende zijn verblijf in de inrichting recht op invaliditeitsrente verkrijgt, en het bedrag der eventueele rente zal dalen, indien de verzekerde gedurende dat zal
de premiebetaling niet voortzet.
verblijf
Wordt aan den
verzekerde, terwijl hij in de inrichting is, toegekend op grond van litt. b van art. 27 geraakte hij in den toestand bedoeld in litt. a van dat artikel, dan kan de verdan zou de verpleging gestaakt worden pleging voortgezet worden, maar de uitkeering ten behoeve der invaliditeitsrente
—
—
kinderen vervalt. Het bedrag, uitgekeerd over den tijd verloopen tusschen den de rente zal dag van indiening van het verzoek om rente in den regel op dien dag ingaan en dien, waarop de rente toegekend of de in art. 36 bedoelde uitkeering bevolen is, wordt in ieder geval met de rente of met bedoelde uitkeering verrekend. Het bestuur der Bank is te allen tijde bevoegd de behandeling of verpleging van den verzekerde of de uitkeering ten behoeve van diens kinderen te staken. Heeft de vrouw, wier opneming in een gesticht noodig is, een zuigeling, die niet van de moeder gescheiden behoort te worden, dan zal deze met de moeder in de inrichting worden
—
—
opgenomen. de verzekerde ontheven van den verzekeringsplicht, dan kan voor rekening van het fonds behandeld of verpleegd worden dat hem tijdelijk ontheffing verleend was levert geen beletsel op, indien de termijn der ontheffing verstreken is. Is het gevaar voor blijvende invaliditeit het gevolg van een ongeval, tegen geldelijke gevolgen waarvan de betrokkene verzekerd is krachtens de Ongevallenwet 1901, dan is art. 19 dier wet van toepassing; de kosten van behandeling en verpleging mogen dan niet ten laste van het invaliditeits- en ouderdomsfonds komen. Hetzelfde geldt ten aanzien van de overige OngeIs
hij
niet
;
vallenwetten. Onder het artikel valt niet de, niet uit eigen hoofde verzekerde, vrouw of weduwe van een verzekerde. Zie daaromtrent litt.
d van
Art. 67. Art. 66
art.
138.
Vgl. is
§
niet
Bank bekend was,
2 1 der wet van 1899. van toepassing, indien aan het bestuur der
dat het gevaar voor blijvende invaliditeit een gevolg was van een ongeval, waartegen de betrokkene verzekerd was krachtens een der Ongevallenwetten. Het geval kan zich echter voordoen, dat dit eerst blijkt, nadat de behandeling of verpleging van den verzekerde is aangevangen. Daarin voorziet art. 67. Het krachtens art. 66 uitgegeven bedrag wordt uit het ongevallenfonds in het invaliditeits- en ouderdomsfonds gestort. Het aldus gestorte wordt geacht direct uit het ongevallenfonds
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's