Sociale hervormingen - pagina 60
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I. Stuk II.
:
322
welke bij uitsluiting gebruikt worden op de binnenlandsche zeeën en meren en langs de Wadden. Over de vraag of het tweede boek van het Wetboek van Koophandel ook geldt voor Noordzee visschers vaartuigen heerscht verschil van gevoelen. Door de rechterlijke macht is op dit punt nog geen uitspraak gedaan. Deze kwestie wordt behandeld in het Weekblad van het Recht (nos. 2126, 2 30 en 2 134) door mrs. de Pinto en Kappeijne van DE COPPELLO. De eerstgenoemde is van oordeel, dat het tweede boek niet geschreven is voor zeevisschersvaartuigen, welk gevoelen door laatstgenoemde wordt bestreden. Door mr. A. Schippers wordt in zijn academisch proefschrift Btjdrageji tot het privaatrecht der zeevisscherïj (Amsterdam 1 900, Eerste Hoofdstuk), de vraag uitvoerig besproken en vooral op grond van historische argumenten betoogd, dat het tweede boek van het Wetboek van Koophandel in het algemeen, ook geldt voor de zeevisscherij en de daarbij gebezigde vaartuigen. De argumenten voor en tegen van genoemde schrijvers behoeven hier niet herhaald te worden; het is voldoende te constateeren dat over de al of niet toepasselijkheid bij de juristen onzeker1
heid heerscht.
Aang^enomen echter, dat de zeevisschersvaartuigen en hunne bemanningen vallen onder het tweede boek en dus onder de artt. 423 en volg. van het Wetboek van Koophandel, voorzien dan die bepalingen voldoende in het geval, dat een zeevisscher door een bedrijfsongeval wordt getroffen ? Volgens de artt. 423 en volg. van het Wetboek van Koop-
handel heeft de schepeling, en tevens de schipper (art. 386 Wetboek van Koophandel, die gedurende de reis ziek of in dienst van het schip, of in gevecht tegen vijanden of zeeroovers gewond of verminkt wordt, recht:
op zijn volle loon, gedurende den tijd dat hij ziek is en den dag, waarop hij zal kunnen zijn teruggekomen op de plaats, vanwaar hij met het schip is vertrokken 1".
tot
;
2". op eene redelijke vergoeding voor zijne gemaakte kosten naar de onder i". bedoelde plaats;
reis-
3". op kostelooze oppassing en genezing tot zijn herstel, ook na het vertrek van het schip, indien hij nog niet zoover is hersteld, dat hij zonder gevaar kan worden vervoerd;
4".
nigen
geval van verminking, op schadeloosstelling op zoodavoet en op zoodanige wijze als de rechter in geval van
in
verschil zal toekennen; 5".
in
geval van overlijden gedurende de
looze begrafenis.
reis,
op eene koste-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's