Sociale hervormingen - pagina 557
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
6i3
bedoelde tijdstip, berekent het bestuur der bank wat deze nog van de vennootschap of vereeniging te vorderen heeft. Vervolgens verkoopt het bestuur voor zoover het dit noodig oordeelt, de aan de bank door de vennootschap of de vereeniging ingevolge het in artikel 74 bepaalde in pand gegeven fondsen op ééne der wijzen, bedoeld in het derde lid en voldoet uit de opbrengst of, indien eene geldsom als pand gegeven was, uit deze som aan de bank, hetgeen deze nog van de vennootschap of de vereeniging te vorderen heeft. Het aan de vennootschap of vereeniging toekomende bedrag wordt aan deze teruggegeven. Ingeval eene naamlooze vennootschap of vereeniging, waarop een risico, als bedoeld in artikel 74 is overgedragen, bij een in kracht van gewijsde gegaan vonnis in staat van faillissement is verklaard of is ontbonden, zijn het tweede, derde, vierde en vijfde lid van dit artikel van toepassing, met uitzondering evenwel, dat alsdan in het vierde lid voor: „het in het eerste lid bedoelde tijdstip"
respectievelijk
faillissement
is
w ordt r
gelezen: „het
aangevangen" en: „het
waarop het waarop de ven-
tijdstip,
tijdstip,
nootschap of vereeniging is ontbonden". Ingeval van faillissement blijven de waarden, waarop de bank pandrecht heeft, buiten het faillissement. Vorderingen van de bank blijven daarbuiten zoolang de verrekening, bedoeld in het vijfde lid, niet heeft plaats gehad. Indien eene naamlooze vennootschap of vereeniging, waarvan de Rijksverzekeringsbank een pand, als bedoeld in artikel 74, heeft, geen risico, als bedoeld in genoemd artikel, meer draagt, worden op haar verzoek hare loopende zaken met de Rijksverzekeringsbank vereffend. In dat geval zijn eveneens het tweede, derde, vierde en vijfde lid van dit artikel van toepassing met deze uitzondering evenwel, dat alsdan in het vierde lid, voor „het in het eerste lid bedoelde tijdstip" wordt gelezen: „den dag, waarop het verzoek tot vereffening aan de Rijksverzekeringsbank is gedaan". :
Artikel 80.
Na
het opmaken van elke wetenschappelijke balans betreffende Rijksverzekeringsbank wordt, indien de contante waarde eener rente minder bedraagt dan de waarde van een pand, als bedoeld in artikel 77, dat de Rijksverzekeringsbank ten aanzien van die rente mocht hebben, ten verzoeke van de pandgeefster het pand aan deze teruggegeven tegen overgifte van een nieuw pand ter waarde van de laatst berekende contante waarde.
de
Artikel 81.
De
gevallen waarin een verzoek, als bedoeld in artikel 74, wordt geweigerd, i.
2 de wijze van berekening van de in de artikelen en 80 bedoelde contante waarde eener rente, .
76, 77
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's