Sociale hervormingen - pagina 94
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I. Stuk II.
;
356 het bedrijf, waarin de opleiding plaats vindt, één gulden.
maar
niet
meer dan
b. den volontair, die een geringer loon verdient dan het dagloon bedraagt van den minst betaalden volslagen werkman. Krijgt een dergelijke volontair een ongeval, dat hem tijdelijk ongeschikt
maakt tot werken, dan ontvangt hij eene tijdelijke uitkeering, welke berekend wordt naar het voor dien volontair bij algemeenen maatregel van bestuur vastgestelde dagloon. Wordt hij door het ongeval zoodanig geheel of gedeeltelijk ongeschikt tot werken, dat hij aanspraak kan maken op eene rente of eene voorloopige rente dan ontvangt hij een vaste of voorloopige rente, niet berekend naar zijn dagloon, maar naar het laagste dagloon van den volslagen werkman in hetzelfde bedrijf. In dit geval gaat echter het dagloon van den volontair het bedrag van één gulden niet
boven.
te
den volontair, die evenveel loon of minder verdient, dan dagloon bedraagt van den minst betaalden volslagen werkman. Deze zal, ingeval van een bedrijfsongeval, èn eene tijdelijke uitkeering èn eene rente ontvangen naar het dagloon, bepaald voor hem bij algemeenen maatregel van bestuur. c.
het
d.
den
volontair,
die
niets
anders ontvangt dan voeding en waardoor hij aanspraak
logies aan boord. Treft hem een ongeval, op eene rente of eene voorloopige rente
kan maken, dan geldt verdient loon in den vorm van voeding en logies aan boord). Als tijdelijke uitkeering ontvangt hij slechts vergoeding voor gemis aan voeding en logies aan boord, die op 50 cents per dag wordt bepaald.
voor
hem
het sub b bepaalde (immers
hij
Artikelen 18, 19 en 20. In het zee visschersbedrijf neemt iedere visscher niet altijd denzelfden tijd deel aan de zeevisscherij. Men kan daarbij onderscheiden :
a. den visscher, die het geheele jaar zonder belangrijke tusschenpoozen ter visscherij uitgaat. Hieronder valt de kleine zeevisscher op de Zuiderzee, langs de kusten van Friesland en Groningen en op de Zeeuwsche of Zuidhollandsche stroomen, die geacht kan worden gedurende het geheele jaar werkzaam te zijn in de visscherij en over het geheele jaar gemiddeld per
dag eenzelfde loon
te verdienen;
den visscher die
aan verschillende soorten welke ieder afzonderlijk als seizoenbedrijf worden uitgeoefend. Hieronder valt bijv. de visscher, die in het voorjaar deelneemt aan de schrobnet- of beugvisscherij en tevens in den zomer en in het najaar aan de haringvisscherij b.
van
in eenzelfde jaar
visscherij deelneemt,
c. den visscher, die in eenzelfde jaar uitsluitend deelneemt aan ééne soort van visscherij en gedurende den overigen tijd van het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's