Sociale hervormingen - pagina 390
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel III.
378 de vrouwen in de hierbedoelde omstandigheden de uitbetaling van haar volle loon, door den Staat, gewaarborgd wordt. Alleen onder voorwaarde, dat althans een deel der geldelijke schade uit 's Rijks kas wordt vergoed, scheen van een arbeidsverbod eenig heil te mogen worden verwacht. De wensch werd uitgesproken, dat op advies van den geneesheer de tijd, gedurende welken het arbeidsverbod zal gelden, met ten hoogste vier weken moge kunnen worden verlengd. De verantwoordelijkheid van den patroon scheen in art. 71 veel beter geregeld dan in art. 70. Het gaat toch, meende men, niet aan, den patroon er aansprakelijk voor te stellen, dat eene in zijn bedrijf werkzame vrouwelijke persoon binnen vier weken na hare bevalling geen arbeid verricht, wanneer niet tevens wordt voorgeschreven, dat die bevalling te zijner kennis moet worden gebracht. Aan dit bezwaar zou, althans wanneer de bevalling plaats heeft op het tijdstip waarop zij verwacht werd, kunnen worden tegemoetgekomen door de aansprakelijkheid te beperken tot die gevallen, waarin het bij art. 7 bedoelde attest aan den patroon is vertoond. Wat dit attest betreft, werd overigens gevraagd, of er eenige bepaling bestaat, krachtens welke een geneesheer of vroedvrouw kan worden verplicht het af te geven; zoo niet, dan vreesde men, dat het voorschrift in de praktijk op bezwaren zou kunnen stuiten. 1
De in art. 70 voorkomende uitdrukking „de artikelen 267 en volgende" scheen niet zeer aanbevelenswaardig. Beter scheen het die volgende artikelen duidelijker aan te wijzen.
Art 72, a. Gevraagd werd, of de na „als:" onder i, 2 en 3 genoemde werkzaamheden bedoeld zijn als voorbeelden van arbeid aan drijfwerk dat in beweging is, dan wel of die opnoeming als van limitatieven aard is te beschouwen. In het eerste geval kan de opnoeming schaden, aangezien alsdan omtrent niet genoemde werkzaamheden twijfel zou kunnen rijzen; en in het tweede geval is zij overbodig. Het scheen daarom beter haar te laten vervallen. 6. De hier gevolgde redactie scheen niet de uiting van een logischen gedachtengang. De arbeid met wijde mouwen, loshangende slippen, enz. is verboden, omdat die gevaar kan veroorzaken; het scheen dus geen zin te hebben daarachter nog eens te laten volgen „of wel wanneer die arbeid gevaar kan veroorzaken". Na „als" worden hier weder eenige werkzaamheden genoemd, zonder dat blijkt, of die als voorbeelden dan wel als eene nadere
omschrijving worden gegeven. c.
In
Ook art.
men op het woord „als''. van het Arbeidsbesluit wordt, met betrekking
hier stuitte 12
tot
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's