Sociale hervormingen - pagina 456
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel II.
5*2 3. indien de toestand of de vordert, dat hij nauwkeurig wordt
houding van den verzekerde waargenomen;
4. indien het bestuur der ziekenkas, waarbij zulks gelast.
hij
verzekerd
is,
Een last als bedoeld in het eerste lid, sub 4, kan slechts worden gegeven met toestemming van den verzekerde. Indien deze minderjarig is, en zijne verzekering een gevolg is van die van een verzekeringsplichtig persoon, wordt voor den bedoelden last de toestemming vereischt van dien verzekeringsplichtigen persoon.
Wanneer een verzekerde volgens
het bepaalde in het eerste eene inrichting als aldaar bedoeld wordt verpleegd en hij kostwinner was van een of meer andere personen, wordt aan die personen tevens eene geldelijke uitkeering verleend, indien de verzekerde op zieken- of kraamgeld aanspraak zou hebben, ware niet de schadeloosstelling, welke in de inrichting wordt verleend, ook in de plaats van de uitkeering van zieken- of kraamgeld getreden. Elke zoodanige uitkeering bedraagt zooveel als de verzekerde in den regel tot het levensonderhoud van den betrokkene bijdroeg, met dien verstande, dat het gezamenlijk bedrag der uitkeeringen niet meer kan bedragen dan twee derden van het bovenbedoelde zieken- of kraamgeld. lid
in
Artikel 151.
Voor de toepassing dezer wet wordt een verzekerde geacht ten gevolge van ziekte of kraam ongeschikt tot werken te zijn, die persoon ten gevolge van de ziekte of de kraam, van een wettelijk verbod om te werken als gevolg van de ziekte of de kraam of van de opneming in eene inrichting, als bedoeld in artikel 150, ongeschikt of verhinderd is om den arbeid te verrichten, waarmede vóór de ziekte of de kraam gewoonlijk in zijn levensonderhoud werd voorzien.
indien
Artikel 152.
werklieden bij de wet worden verplicht zich tegen gevolgen van invaliditeit of ouderdom te verzekeren, is van den dag van het in werking treden dier wet af eene ziekenkas, welke verplicht is aan een persoon het volle ziekenof kraamgeld of de in artikel 150, eerste lid, bedoeld schadeloosstelling over ééne of meerdere volle kalenderweken uit te keeren, gehouden bovendien als schadeloosstelling wegens de ziekte of de de kraam de bij algemeenen maatregel van bestuur te bepalen premie te betalen, welke over die weken verschuldigd is voor de bij de bedoelde wet geregelde verzekering van dien persoon. Ingeval
geldelijke
Artikel
Wanneer een
153.
verzekerde, die van een ziekenkas eene schadeloosstelling geniet wegens ziekte of kraam, ophoudt bij de zieken-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's