Sociale hervormingen - pagina 196
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel III.
Voorschriften ten aanzien van het laden en het lossen van schepen.
§ 2
Reeds op
Art. 228. tie
van het
artikel het
de werktuigen,
bladz. 12 werd opgemerkt, dat de redacmogehjk maakt om eischen te stellen aan
gereedschappen
en voorwerpen, die in gebruik
het laden of lossen van schepen, maar dat daarnaast evenzeer voorschriften zouden kunnen gegeven worden met betrekking tot verlichting zoowel van het terrein, waar wordt gewerkt of dat betreden moet worden in verband met de werkzaamheden, als van het ruim van het schip, waarin wordt geladen, of waaruit wordt gelost. Voorts zullen voorschriften kunnen worden gegeven omtrent het dicht houden van luikhoofden, het laden van de hijschbakken, den toestand van loopplanken en den vloer, het aanbrengen van leuningen bij trappen langs de kaden en bij hoeken der kademuren, het behoorlijk verzonken zijn van de rails voor de spoorwegwaggons, die langs zij van het schip komen. Intusschen zal ook in den algemeenen maatregel kunnen worden bepaald, dat bij het laden of lossen een maximum arbeidsduur niet zal mogen worden overschreden. Het stellen van bepalingen dienaangaande is soms het beste middel om ongevallen te voorzijn bij
komen. Al deze voorschriften kunnen althans nu niet in de wet worden opgenomen. Evenmin kan daarin worden aangeduid op welke schepen de te ontwerpen voorschriften betrekking zullen behooren hebben. Ten einde omtrent al die punten de noodige voorlichte ontvangen van deskundigen is het noodige verricht om tot de samenstelling van eene commissie te geraken. Uit den aard der zaak kan de algemeene maatregel niet op den gewonen tijd in werking treden. In verband daarmede is het tweede lid van art. 228 opgenomen. Waar aan een algemeenen maatregel van bestuur wordt overgelaten te bepalen welke voorschriften zullen moeten worden inachtgenomen bij het laden of het lossen van in den maatregel aan te wijzen schepen, kan de wet niet bepalen op welken persoon de verplichting behoort te rusten om te zorgen voor de naleving der gestelde voorschriften. In verband daarmede is art. 253 opgenomen. Voorts wordt verwezen naar de artt. 264 en 421. te
ting
—
Art. 2 2g 231. Wanneer in den algemeenen maatregel zal zijn vastgesteld aan welke eischen de werktuigen, gereedschappen en voorwerpen, in gebruik bij het laden of lossen van schepen, zullen moeten voldoen dan kan daarmede nog geenszins worden volstaan. Wanneer toch eenig toestel gevaar blijkt op te leveren is het niet voldoende, dat proces-verbaal worde opgemaakt, maar dan moet ook de mogelijkheid bestaan, dat het gebruik van het toestel worde belet. Voordat echter kan worden beoordeeld of een toestel gevaar oplevert zal veelal eene beproeving en steeds een onderzoek daar-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's