Sociale hervormingen - pagina 75
voorstellen van wet door het ministerie-Kuyper bij de Staten-Generaal ingediend. Deel I.
65
Ad
De
wet verklaart de kleine ondernemers is echter bevoegd om in zekere gevallen den kleinen ondernemer aan den verzekeringsplicht te onderwerpen en de wet verleent den kleinen ondernemer, voor zoover hij niet door een besluit van den Bondsraad aan den verzekeringsplicht onderworpen is en den leeftijd van 40 jaren niet vervuld heeft, in bepaalde gevallen de bevoegdheid 2111.
Duitsche
niet verzekeringsplichtig.
om
zich te verzekeren,
De Bondsraad
(i)
De
Staatscommissie (2) verklaarde zich teg"en het opnemen van de kleine ondernemers in de verplichte verzekering, zoowel op den beginselgrond dat de kleine ondernemers zelfstandig werken als op grond van de practische bezwaren aan de opneming verbonden; maar de Commissie nam tegelijkertijd aan, dat het wenschelijk was, onder de noodige waarborgen ten aanzien van den leeftijd bij toetreding, den gezondheidstoestand en het inkomen hun de bevoegdheid te geven vrijwillig" deel te nemen
—
—
aan de verzekering. Met de Staatscommissie zijn ondergeteekenden van oordeel, dat de kleine ondernemer niet gedwongen mag worden zich te verzekeren, omdat hij zelfstandig werkt. Maar ook zij wenschen den kleinen ondernemer, voor zoover dit kan geschieden zonder groote schade voor het fonds, de gelegenheid te geven deel te nemen aan de verzekering, omdat hij oeconomisch met den loonarbeider gelijk staat. In § 6 wordt medegedeeld, waarom het ontwerp vrijwillige verzekering in het algemeen niet toelaat; in hoofdstuk II wordt echter den kleinen ondernemer, onder zekere voorwaarden, de bevoegdheid gegeven zich en zijne weduwe bij de Bank te verzekeren. Zooals in de voorgaande paragraaf reeds werd vermeld, ontwerp in het algemeen vrijwillige verzekering niet toe. De Duitsche wet van 1889 liet in bepaalde gevallen vrijwillige verzekering toe. Zoowel hij, die vrijwillig toetrad als hij, die niet meer verzekeringsplichtig was en vrijwillig de verzekering voortzette, mocht echter alleen in de 2de loonklasse storten en moest behalve de bijdrage voor de 2de loonklasse een bijdrage van ongeveer 5 cent betalen over elke week, waarover hij stortte voor de aanspraak op invaliditeitsrente van hem, die de verzekering vrijwillig voortzette, golden ook strengere bepalingen. (3) De vrijwillig verzekerden moesten, in plaats van het zegel voor de 2de klasse, een dubbel zegel Doppelmarke op hun rentekaart plakken. De wet van i88g trad i Januari 1891 in werking. In 1894 werden er in Berlijn 6033 Doppelmarken verkocht; van de 37^2 §
6.
laat het
;
—
wet van 1889; §§ 2 en 14 der wet van Verslag Staatse, bladz. 50/52 en bladz. 119: XV. (3) §§ 8, 117, 120, 121 der wet van 1889. (i) §§ 2 en 8 der (2)
I.
—
li
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1905
Abraham Kuyper Collection | 610 Pagina's