Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 147

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 147

2 minuten leestijd

HEILIGMAKING, Voorts

vervolgt

hij

137

„De daden der heiligmaking

:

zijn

aan den eenen kant de wegneming van het verderf, en aan den anderen kant de toebrenging van nieuwe gelijkheid met God Ezech. 36 26 „Ik zal u een nieuw hart geven en zal een nieuwen geest geven in het binnenste van u en Ik zal het steenen hart uit uw vleesch wegnemen en „dat 22, 24 zal u een vleeschen hart geven." Ephez. 4 :

:

:

:

aangaande de vorige wandeling, den ouden mensch, die verdorven wordt door de begeerlijkheden der verleiding enz., en den nieuwen mensch aan doen, die naar God geschapen is in ware rechtvaardigheid en heiligheid" enz., welke beide daden van elkander zoo onafscheidelijk zijn, dat zij ook de eene aan de andere in hunne mate en trap evengelijk worden bevonden, en er zooveel nieuwe glans aan den nieuwen mensch wordt toegevoegd, als er van het oude verderf wordt weggenomen.'" Vervolgens zegt hij, dat God om zeer wijze redenen de heiligmaking in dit leven onvolmaakt laat, „opdat namelijk de mensch in des te meer nederigheid zou worden gehouden en steeds met verloochening van zich zelven tot Gods genade in Christus zijn toevlucht genoodzaakt worden te gij

zoudt

nemen „Uit

afleggen

tot deszelfs betamelijken

weldaad

deze

roem.

Gods (zoo vervolgt

de heiligheid der uitverkorenen, dat keer

van

kwaad en

alle

is

trek tot alle

hij) vloeit dan hun hebbelijke afgoed, welke gewis-

voornaamste sieraad der geloovingen, volgens Ps. 45 14 „Des Konings dochter is geheel verheerlijkt inwendig, hare kleeding is van gouden borduursel." Ps. 93 5 „De heiligheid is Uwen Huize sierlijk Heere tot selijk is het :

:

:

:

lange dagen.

.

." .

deze heiligheid openbaart zich goede werken, die zoodanig zijn, niet alleen En

in

de

uiterlijk

zin, bij de menschen prijs verdienende, ook aan den anderen kant volmaaktelijk, daar ook alle onze gerechtigheden zijn een wegwcrpelijk kleed Jes. 64 8, maar waarlijk en geestelijk, zoodat zij Gode in Christus bcliagcn. Die men dan bcsclrrijft als: daden der geheiligde menschen, die geschieden naar Gods

en

in

noch

:

een burgelijken

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 324 Pagina's

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 147

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 324 Pagina's