Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 84

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 84

2 minuten leestijd

HET GELOOF.

74

en dat dus als voorbereidselen ter ontvanging van Gods genade voorafgaat eene bekeering van zijnen zondigen weg, dien verlatende en daarvan afstand doende eene droefheid der ziel, dat wij God door onze zonden vertoornd hebben eene begeerte naar Gods genade, hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, zoeken en kloppen, opdat er gevonden en opengedaan moge worden, en eene oprechte, schoon niet volmaakte liefde tot God en Zijnen dienst welke dingen, zeggen zij, schoon die eigenlijk de genade en weder;

;

;

geboorte

niet

verdienen

als

Causa

meritoria

(hierin

van Pelagius) nochtans geschikte hoedanigheden zijn om den menscli een gepast voorwerp voor de genade te maken en dat dus God, die altoos acht geeft op de pogingen van Zijn schepsel tot het goede, bewogen verschillen

zij

;

wordt, naar zijne groote menschenliefde en onnaspeurlijke ontferming, om den zondaar, die God dusverre te gemoet

gekomen zijn

leven

is,

dat

betert

Zijne genade

om

zonde ziet en betreurt, dat hij de genade hongert en dorst, Christus wille te schenken, waardoor hij hij

zijne

en

nu

om

levend gemaakt wordt."

Om halve

nu expresselijk Pelagianen,

te

bestrijden

waarvan

hij

zegt

dit

gevoelen van de

dat

dit

ook

is

het

gevoelen van de meesten van de Roomschgezinden en van de Remonstranten in die dagen, „die (zegt hij op blz. 29) stellen, dat daar is eenig werk des menschen, dat aan zijne

levendmaking voorafgaat, te weten zijn doodelijken staat erkennen en dien te beklagen, te willen en te zoeken^ dat hij daarvan verlost mag worden, te hongeren, te dorwelke zaken, en ook sten en te zoeken naar het leven nog al meer, Christus eischt van degenen, die Hij levendmaken wil," moet Comrie natuurlijk allen nadruk leggen, en Jegt hij ook allen nadruk op het geloof, als een ingeplant vermogen of hebbelijkheid, aan hetwelk geen voorbereidend werk van des menschen zijde voorafgaat, noch voorafgaan kan, daar de zondaar vóór zijne levendmaking geheel dood is in zonden en misdaden, en al zijne goede werken van nature niet voortkomen en niet kunnen voortkomen uit het geloof, wijl dit levensbeginsel :

te

;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 324 Pagina's

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 84

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 324 Pagina's