Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 81

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 81

1 minuut leestijd

HET GELOOF.

God

den

71

Waarheid, Die niet liegen l<an, in de ziel door liclit des H. Geesles, wordt met een vaste toestemming toegestemd en aangenomen. Datzelfde Woord indringende met een goddelijk licht, als tot een persoon der

instralende,

bijzonder

gesproken, zoo is er in dat ingewrochte een vermogen, om zich daarop met een zeker vertrouwen te verlaten, en er vast staat op te maken, dat in

't

geloof

wat God om

Christus wil, door den H. Geest, in den persoon voor zich in 't bijzonder aanbiedt of schenkt, hem medegedeeld zal worden. Zoo ziet gij, dat gelijk het Woord een en hetzelfde in zich zelven is, maar in drie onderscheidene opzichten in de ziel instraalt, zoo ook het ingewrochte geloof, schoon in zich zelven maar een enkelvoudige hebbelijkheid zijnde, als het dadealles,

het

lijk

Evangelie

wordt,

in al die drie

opzichten zich

uit deszelfs

enkel-

voudige natuur driezins, naarmate dat het door Woord en Geest dadelijk gemaakt wordt, werkzaam vertoont. Dit dient aangemerkt te worden, opdat wij nooit zouden stellen, dat het geloof, ten aanzien van deszelfs natuur, zooals het eene ingewrochte hebbelijkheid is, iets bekomt, dat het niet had,

maar

inwerking zoo ingewrochte geloof voortkomt, een teeken en blijk is, dat het in deszelfs natuur ingeschapen is, in de inwerking van dien, door de bovennatuurlijke of herscheppende kracht des H. Geestes." Uit al hetgeen ik uit Comrie heb aangehaald, volgt mijns inziens, dat Dr. Kuyper van hem verschilt. Want terwijl ontvangt,

dat

alles,

alles te gelijk in deszelfs

wat

uit

dit

Comrie alzoo duidelijk

leert dat de kennis, de toestemming, het vertrouwen de drie wezenlijkheden van het oprecht geloof en alzoo te zamen, de eene niet meer

en

dan de andere,

het oprecht geloof z n, stemt Dr. Kuyper dit geenszins toe, gelijk ik meen genoegzaam te hebben aangetoond. Voor ik met dit gewichtig onderwerp eindig, wensch ik nog te beproeven, om aantetoonen, dat er tusschen Brakel en Comrie aangaande het geloof, niet het verschil bestaat, dat Dr. Kuyper tusschen hen meent aan te treffen, gelijk blijkt uit zijn „Werk van den Heiligen Geest," waarin hij ij

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 324 Pagina's

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 81

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 324 Pagina's