Om de oude wereldzee - pagina 580
I. Het Aziatisch gevaar. Rumenië. Rusland. De Zigeuners. Het Joodsche probleem. Constantinopel. Klein Azië. Syrië. Het Heilige Land.
HET HEILIGE LAND.
542
Stormweer op
mee
ik
zee had de
aankomst van de Khediviale boot, waar-
op PoTt-Saïd zou gaan, vertraagd.
langer mij in Jaifa op te houden
;
Dit noopte mij een dag
een oponthoud, dat mij nogmaals ver-
aangenaamd werd door de niet genoeg te waardeeren vriendelijkheid, waarmee mij ook nu onze consul aldaar, de heer Portahs, en evenzoo de heer Richard Maisonneuve ontving. Op zichzelf hindert 't wel, dat
men
in onze consulaten hier nooit een landgenoot vindt, en zoozeer
zelfs
is
Olijfberg,
talen
ons
Vaderland
waar het
staat
vergeten, dat in de
0)ize
uitgebeiteld,
niet ons Nederlandsch
;
Fader-otis-KaT^ei
Vader op marmeren platen in
op den
gebruikte
alle
nogwel het Vlaamsch gelezen wordt, doch
maar
te
meer deed het goed èn
te Jeruzalem
door den Duitscher, èn te Jaö'a door den Frauschman, die onzerzijds
met consulaire waardigheid bekleed zijn, zoo wezenlijk hartelijk te worden ontvangen. Eindelijk, toen de boot op de reede kwam, voeren we met een stoombarkas door de rotsklippeu heen; en daar ook Sami-Bey uit Jeruzalem was overgekomen om mij uitgeleide te doen,
nam
ik
afscheid
gezelligen kring.
scheiden,
van de heeren in uitgebreideu en
Van mijn
zeldzaam
gids
alleszins
had ik reeds te Jeruzalem moeten
over dien eerlijken, trouwen, kundigen Maroniet
voldaan.
Toen werd het anker gelicht, en welhaast gleden we op de golven den kustweg langs, die over Gaza naar Eg^rpte voert dien aiouden heirweg waar ook het Kindeke van Bethlehem door Maria langs is gedragen, toen zij vluchtte voor het geweld van Herodes, den tyran. Ook in Egypte zou ik een wondere grootheid vinden, maar een grootheid van den mensch, van een geweldenaar als Raamses. Daar in dit Palestina, dat ik verliet, waren het de groote werken Gods geweest, die mij in klimmende verrukking brachten. Onuitsprekelijk had ik ;
in het Heilige land genoten. in
De
indaling van de Goddelijke realiteit
het tastbare van deze wereld had ik er gevoeld, zooals
op verren afstand
in eigen land niet gevoelen kan.
men
het
Alles geestelijk;
de Vader der geesten die toenadert tot den geest van
zijn
mensche-
maar dan dit menschelijk creatuur ook genomen zooals 't reëel is, met het onmisbaar somatische van zijn aardsche existentie, met een plek die het drukt met zijn voet, met een natuur die het tot omgeving dient, met een lucht die 't inademt, met een lijke
creatuur;
eigen zonnegloed die
't
beschijnt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's