Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 213
VAN DEN ZONDVLOED. den
ijstijd
zijn
opgevuld, maar die onmiddellijk vóór dat tijdperk
de afwatering bewerkstelligden van het binnenland op een diepte, belangrijk lager dan van den tegenwoordigen zeespiegel.
De
getuigenissen
bewijskracht.
Bij
uit
noordwestelijk
Europa hebben dezelfde ijstijd was de Noordzee
het aanbreken van den
tusschen Engeland en Scandinavië, die nu overal zeer ondiep
is,
geheel
droog land, alleen doorsneden door het kanaal van een machtigen stroom die de saamgevloeide wateren van Rijn Weser en Elbe ,
,
wegvoerde naar het verre noorden nog vermeerderd met al het water uit de vlakte van de tegenwoordige Oostzee en van de oostelijke waterscheiding van Engeland. De fjorden van Noorwegen waren destijds veel grootscher nog, doordien ze vele honderden voeten meer dan de tegenwoordige hoogte hunner rotsklippen boven het water uitstaken. In het zuiden was deze hoogere ligging van land vóór den ijstijd voldoende om Afrika aan Europa te verbinden, dwars over het middelste gedeelte van de Middellandsche Zee, en om aan olifant en nijlpaard een vrij ronddwalen te vergunnen over de vlakten van Sicilië en Zuid-Italië. Uit een spelonk in de nabijheid van Palermo heeft men van deze dieren beenderen opgegraven, die blijkbaar in recente tijden daarin gekomen waren en ze bij tonnen voor ,
,
handelsdoeleinden ingescheept.
193 XIII
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's