Om de oude wereldzee - pagina 349
Het raadsel van den Islam - Het land der Pharao's - Soedan - De Hellenen - Sicilie - Het protectoraat van Tunis - De Algerijnsche kolonie - Marokko - Spanje - Portugal
HET PROTECTORAAT VAN TUNIS. Geheel in
een einde gemaakt.
stammen nog een
het
Zuiden
317
mogen de nomadische maar in het
vrijwel onafhankelijk bestaan leiden,
noorden en in het midden van het land heerscht orde en regelmaat,
en oeconomisch ging het
in alle opzichten vooruit.
Het budget van
dat aanvankelijk op 14 millioen francs stond, kon voor 1905
Tunis,
70.753.622 geraamd worden, terwijl het in 1904 bijna 85
reeds op
inkomsten boeken kon. Tekorten kent het reeds lang
millioen als
meer, terwijl de gestadige overschotten den aanleg van groote werken mogelijk maakten en schulddelging op ruime schaal gedoogden. Ook de opbrengst van den landbouw wees in de goede jaren steeds gunstiger cijfers aan. Het officieel Rapport over 1904 vermeldt dat 493.615 H.A. met tarwe, 482.688 met gerst, 48.181 met haver en 11,240 met mais bebouwd waren. De mijncultuur, die in 1881 zoo goed als niet bestond, werd in 1904 reeds op 14.107 H.A. gedreven, en het aantal olijfboomen was geteld op het hooge cijfer van 9^ millioen. De handel met het buitenland, die in 1881 nog geen 27 millioen frcs. bedroeg, was in 1904 gestegen tot 83J millioen voor den invoer en 76f voor den uitvoer, en Frankrijks aandeel, met inbegrip van Algiers, in dezen handel bedroeg niet minder dan niet
60 %.
Vooral
de
phosphaten
zijn
in Tunis een belangrijk uitvoer-
1904 bedroeg alleen de uitvoer van phosphaten 18f millioen Op de phosphaten volgde in belangrijkheid de gerst, die 9^
artikel. In
francs.
millioen
in uitvoer bedroeg, en voorts de olijfolie tot een bedrag
frcs.
van bijna
7 millioen
en de sponsen tot ruim 2 millioen. In verband
hiermede
nam ook
de scheepvaart steeds grootere afmetingen aan.
Alles
saam
vielen
in
1904
ruim 12.700
schepen
de
havens van
Tunis, Sfax en Gabes binnen, en voeren evenveel schepen saam met een tonnemaat van ruim drie millioen. Dringend was voor Tunis de behoefte aan betere bewatering van het land. Geheele streken, waar de Romeinen bloeiende steden hadden Bizerta,
uit,
kunnen bouwen, waren onder de Arabische overheersching
in dorre
woestenij veranderd. Vooral de ontbossching had den karigen water-
stand in Tunis verslechterd, en in
Tunis,
de
Medjerda,
ging
zelfs
van de eenige beduidende
nog het grooter deel water
Reeds in de 17e eeuw had een Hollandsch ingenieur
bouwen van een dam pogen
te
teloor.
dit door het
voorkomen; maar geheel de
van Tunis moest door de Franschen opnieuw worden
rivier
ter
irrigatie
hand ge-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's