Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Om de oude wereldzee - pagina 506

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Om de oude wereldzee - pagina 506

I. Het Aziatisch gevaar. Rumenië. Rusland. De Zigeuners. Het Joodsche probleem. Constantinopel. Klein Azië. Syrië. Het Heilige Land.

2 minuten leestijd

HET HEILIGE LAND.

476

uaar

Haifa

het klimmen en dalen,

goed weder per wagen in niet minder dan

bij

En

ongunstig weder niet dan in zeven uren afgereden.

vijf,

bij

trof

het

om

een kleine 40 kilometer lang, maar wordt toch,

is

bitter

In

boos.

ik

Nazareth had ik van den storm, die ons

het opstijgen naar den top van den Thabor overviel, niets meer

bij

December wel geen zomerweer, maar toch zij, en dan nog dun bewolkt. Maar nauwelijks waren we op onzen tocht naar Haifa twee uur ver gekomen, of plotseling sloeg het weer om, donkere wolken kwamen van de kust opzetten, de wind boog het zeildoek van onzen tentwagen geheel in, en regen en hagel goot en kletterde van allen bespeurd.

Het was

er in

niet koud, en de lucht slechts aan eeue

kant

om

Hoe meer we den bergpas naderden, hoe

ons heen.

we

het werd, en toen

eindelijk

erger

boven waren, en de volle lang van

voren kregen, konden de paarden het voertuig nauwelijks optrekken en moest de wagen met behulp van het arbeidersvolk uit de Chan

worden gebracht. Van aanstonds was geen sprake; de paarden moesten gevoerd worden en uitblazen, en zoo moest ook het reisgezelschap een onderkomen in den Chan zoeken, wat ons niet veel anders dan uit den regen een muur in veiligheid

achter

doorrijden

Van

Chan maakt, wie alleen onze dorpsherbergen kent, zich geen denkbeeld. Een laag ommuurde hof voor de kameelen, paarden en ezels, tamelijk groot; maar voor

in

den drup bracht.

zulk een kleine

de reizigers niet dan twee hokjes, geen 2 smerig,

onooglijk,

bij

2

meter groot,

zonder tafel en zonder stoel of bank

twee

venstertjes, als een folio blad papier zoo klein, het glas

laag

goorheid

ritsen

overdekt,

verfloos,

zelfs,

met

met een

en langs de drie wanden der twee hokjes

van plankjes aangetimmerd, met

kistjes

en doosjes, met klee-

dingstnkken en stukken beddegoed beladen, en voor vloer de gewone, niet

eens

geëffende

grond.

Van vuur geen

sprake, zoodat we, nat

en verkleumd, zaten te bibberen van de koude, en niets was te

krij-

En toch werd er om de paarden bijna een uur halt gehouden, zoodat we nog meer ontredderd in onzen wagen terugkwamen, dan we er in het noodweer uit waren

gen dan slechte

koffie

en nog slechter brood.

noodweer een overdiijvende bui, en toen we Haifa binnenreden, wachtte ons bij kalm en helder weder een prachtig gezicht op een hoog opgestuwde en wit gepluimde zeo in den bveeden boezem, die links den Karmel en rechts Akko tot eindpunt heeft. gestapt. Gelukkig bleek dit

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's

Om de oude wereldzee - pagina 506

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's