Om de oude wereldzee - pagina 438
Het raadsel van den Islam - Het land der Pharao's - Soedan - De Hellenen - Sicilie - Het protectoraat van Tunis - De Algerijnsche kolonie - Marokko - Spanje - Portugal
MAROKKO.
402 dringen
om
er leven en bezieling te brengen. Zulk een Oostersch stelsel
nu toegepast op een volk van Berbers, dat een vlak contrairen aard
ver-
toont, lïioest wel de meest zonderlinge wijze van bewindvoering in het
leven roepen; een vreemdheid die
aanstonds uitkomt in de tegen-
al
wat men noemt de Blad-el-Maghzen en de Blad-el-Siba. Men spreekt ook wel van de Blad-el-Baroed^ d. i. het land van het buskruit, doch dit is meer een spotnaam voor het Zuid-Oosten, waai feitelijk noch Sultan noch Maghzen, maar eeniglijk het buskruit regeert. stelling tusschen
werd daarentegen een officieele term, en beduidt ongeveer wat wij in onze koloniën noemen land onder rechtstreeksch beheer. En daartegenover staat dan de Blad-es-Siba, d. i. het onrustige land, als naam voor heel de streek waar het gezag van den Sultan elk souverein karakter mist en ten hoogste aan een zwakke suzereiniBlad-el-Maghzen
:
beheerde en
Het rechtstreeksch
over half autonome gewesten doet denken.
teit
de
van Marokko
deel
Blad-es-Siba
is
vormen de overige
hier vaste grenzen zijn aan
van heel het land
slechts een zesde
te wijzen.
mentsland in hoofdzaak gevormd
vijf zesden,
maar zonder dat
Al wordt toch het gouverne-
door
het
lagere
land,
dat zich
Oceaan tot aan den Atlas, uitstrekt, met nog daarbij enkele enclaves in het midden van het land, onder een zwak Sultan krimpt de Blad-el-Maghzen steeds iets langs
in,
de
kust,
van
den
Atlantischen
en onder een Sultan die een degelijk regent
streeksch beheer zijn grenzen steeds weer
uit.
is,
breidt het recht-
In hoofdzaak echter
het Maghzen-land de kuststreek, en nauwelijks
is
men
men
blijft
de bergen
in,
wat wij zouden noemen de Buitenbezittingen, die slechts met zwakken band aan het centraal bestuur onderworpen zijn. Zelfs ontbreken de stammen niet die zich feitelijk als volstrekt onafhankelijk gedragen, en slechts voorde
of over
den Atlas naar de Oasen afgedaald, of
geestelijke autoriteit van
's
deel der Arabische aristocratie dat de
genomen heeft. De Sultan zelf is, Arabisch de stammen die in hoofdzaak het ;
gouvernementsland bewonen, de taal van de Maghzen
de Sultan in zoover als
niet verstaan een bepaald regeerings-
lands zaken op zich
evenals heel zijn dynastie,
is
in
den Sjerif-Sultan nog eerbied koesteren. Onder
Maghzen moet men dan ook college, maar veel meer dat leiding van
is
zelfs
;
zijn
van Arabische herkomst; Arabisch
over de familiën van de Maghzen oefent
een absoluut en patriarchaal gezag
erfgenaam beschouwt van
alle
uit,
dat hij zich
nagelaten boedels en aan de achter-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's